Yvan Dejaegher - Bemefa
duidingDe voederprijzen zijn al een hele tijd aan het stijgen?
Laat ons zeggen dat het fenomeen al een half jaar aan de gang is. Volgens de prijsnoteringen in de mengvoedersector zijn de voeders de jongste maanden 20 à 40 procent duurder geworden. Naast de misoogsten in belangrijke productiegebieden en de rol van biobrandstoffen op wereldniveau speelt ook de consumptiewoede op de Aziatische markt ons parten. Het is verschrikkelijk moeilijk om aan redelijke prijzen nog schepen te vinden voor het transport van voedergrondstoffen. En dan is er nog een nieuw fenomeen dat weinig media-aandacht krijgt: de toenemende grondstoffenspeculatie op de beurs die de graanschaarste extra voedt.
Na de ellende van de voorbije jaren wrijven de akkerbouwers zich in de handen.
(zucht) De boeren laten hun graanoogst maar met mondjesmaat los. In sommige gevallen ligt het graan zelfs opgeslagen bij de mengvoederbedrijven, maar durven ze die grondstof niet te gebruiken zonder sluitend prijsakkoord met de boer in kwestie. Onze fabrieken nemen graan af van landbouwers, waarna ze vaak voeder leveren aan diezelfde boeren. Niemand wil zijn graanleveranciers voor het hoofd stoten uit vrees klanten te verliezen.
Kortom, een vicieuze cirkel die de voederprijzen verder doet aanzwellen…
Klopt, en voor veel veehouders is dat een pijnlijke kwestie. Je moet rekenen dat het voeder op varkens- en kippenbedrijven makkelijk de helft uitmaakt van de totale productiekost. De varkenshouders incasseren de zwaarste klappen omdat tegelijkertijd de marktprijzen voor het varkensvlees zich momenteel aan de onderkant van de prijscurve bevinden. Door de positieve prijsvorming voor braadkippen en melk kunnen andere veehouderijsectoren de gestegen graanprijzen makkelijker opvangen. Ook de kalversector deelt in de malaise, maar dat heeft dan weer te maken met de zuivelprijzen.
De diverse voederformules bevatten voor vijftig à zestig procent granen. En als klap op de vuurpijl zijn niet alleen de prijzen van tarwe en maïs gestegen?
Omdat een deel van de eiwitbronnen benut wordt voor de productie van biobrandstof, is bijvoorbeeld ook de prijs van soja omhooggegaan. Dichter bij huis zijn er door de slechte oogst nauwelijks erwten op de markt. Ook dat is problematisch, aangezien sommige formules tot vijftien procent erwten bevatten. De prijzen van de zuivelproducten swingen eveneens de pan uit. Zelfs de prijzen van vitaminen en synthetische aminozuren zijn gestegen. Het is erg uitzonderlijk dat alle grondstoffen duur zijn. In het andere geval kunnen mengvoederproducten naar vervangproducten grijpen. Voor graan zijn dat in de eerste plaats milo en maniok. Maar ook die gewassen staan momenteel dus flink geprijsd. De maniok is ook erg gegeerd in andere industrietakken zoals bijvoorbeeld de papiernijverheid.
Twintig jaar geleden bestond het mengvoeder slechts voor dertig procent uit granen.
Ik denk dat we opnieuw naar die toestand evolueren, maar de voedselprijzen zullen onherroepelijk stijgen, ook die van het varkensvlees. De grondstoffenprijzen hebben immers overal ter wereld een hoge vlucht genomen, zelfs de Brazilianen ontsnappen er niet aan. Voor de varkensboeren is het een kwestie om deze moeilijke periode te overbruggen. Dat is natuurlijk makkelijker gezegd dan gedaan voor jonge veehouders of voor landbouwers die nog maar net geïnvesteerd hebben in dier- en milieuvriendelijke technieken. Alle contracten liggen immers vast.
Het is best mogelijk dat het varkensvlees straks duurder wordt. Maar is dat geen doekje voor het bloeden indien de grondstoffenprijzen ook de komende maanden verder blijven klimmen?
De prijsstijging van de grondstoffen is inderdaad een structurele factor. En bij ons moeten de biobrandstofbedrijven zelfs nog opstarten. Die zullen zich straks gaan bevoorraden met een deel van de lokale akkergewassen. Het zal er dus op aankomen om zoveel mogelijk nevenstromen van de biobrandstofproductie te valoriseren. De nutritionisten in de mengvoederbranche doen volop proeven om bijproducten zoals koolzaadschroot, glycerol en maïsderivaten in de receptuur van het diervoeder in te schakelen. Het is de uitdaging om dit te doen zonder te raken aan de intrinsieke voederkwaliteit, want samen met voedselveiligheid is dat een doorslaggevend element voor de concurrentiekracht van de Vlaamse veehouderij.
De mengvoedersector is vragende partij om de bijproducten van ondernemingen zoals Alco Bio Fuel te valoriseren. Maar is de liefde wederzijds?
Tot voor kort leefde dat thema helemaal niet bij de producenten van biobrandstof. Het is vreemd dat ze blijkbaar de nevenstromen van hun productieproces niet integreerden in hun businessplan, want het rendement van die bijproducten kan hen ongetwijfeld helpen om aan de concurrentie van bijvoorbeeld de ethanolproducenten in Brazilië te weerstaan. De mengvoederbranche is alvast bereid om via de oprichting van het Feed Technology Center het onderzoek naar de voerderwaarde van die grondstoffen te stroomlijnen. Met de Franse, Nederlandse en Poolse collega’s werden hierover reeds afspraken gemaakt. De biobrandstofproducenten zullen van hun kant onder meer moeten investeren in risicoanalyses. BioWanze exporteert nu al een vochtrijk bijproduct met alle nodige garanties naar de Nederlandse melkveehouderij. Het kan dus perfect.
Kunnen de grondstofprijzen voor de mengvoederfabrikanten daardoor op middellange termijn weer dalen?
Daar geloof ik niet in. Het moet mogelijk zijn om de huidige prijsstijging flink te temperen, maar het voedsel zal onherroepelijk duurder worden. Ook al is dat een fenomeen waar de jongere generatie niet mee vertrouwd is: een gepensioneerde medewerker van Versele-Laga heeft onlangs berekend dat de grondstoffenprijzen tijdens zijn veertig jaar durende carrière in de mengvoedersector nominaal ongewijzigd zijn gebleven. Dat is toch niet normaal!
Een efficiëntere voedersamenstelling kan ook de prijs helpen drukken.
Het klopt dat het mengvoeder van morgen er anders zal uitzien dan vandaag. Maar je moet wel beseffen dat er heel wat beperkende factoren zijn bij de ontwikkeling van nieuwe voederformules. Naast de economische efficiëntie moeten de onderzoekers ook rekening houden met milieuvereisten. Momenteel is trouwens een ammoniakconvenant in voorbereiding. De mengvoedersector zoekt ook nog altijd naar oplossingen om het vorig jaar ingestelde verbod op antimicrobiële groeibevorderaars op te vangen. En dan hebben we ook nog de ambitie om in de toekomst enkel nog duurzame grondstoffen te gebruiken. Een piste om de nutritionele efficiëntie van het mengvoeder met nog zo’n vijf à tien procent te verhogen, bevindt zich op het niveau van de veehouders. De betere bedrijfsmanagers halen minstens tien procent meer rendement uit hun voeder dan anderen. Onze varkensboeren staan met hun vakkennis wereldwijd aan de top, maar we moeten de ambitie hebben om het segment van de topboeren nog groter te maken. Mengvoederbedrijven kunnen een steentje bijdragen door hun klanten van zeer nabij op te volgen en te adviseren.
De Europese koepel van mengvoederfabrikanten Fefac heeft nog andere plannen om de voederkost te laten dalen. In een brief aan de Europese Commissie pleit de vereniging voor lagere invoertarieven en hogere uitvoertaksen.
Oekraïne en Servië hebben een uitvoerverbod voor graan ingesteld. Maar goed, ik besef wel dat een gelijkaardige maatregel in de EU hoogstens op korte termijn verdedigbaar is omdat ze de economische efficiëntie ondergraaft. Onder het motto dat alle beetjes helpen zal de mengvoedersector ook de afbouw van de braaklegging ondersteunen.
Controversieel is het voorstel van Fefac om de invoer van genetisch gemodificeerde grondstoffen voor gebruik als diervoeder te versoepelen.
Het wordt tijd dat de Europese Voedselautoriteit EFSA en de Amerikaanse Food and Drug Administration hun veiligheidsnormen beter op elkaar afstemmen. Is het niet logisch dat grondstoffen die op basis van gedegen onderzoek in derde landen veilig verklaard werden ook in Europa mogen gebruikt worden? Van zodra dit logische principe gehanteerd wordt, kan dat voor landen zoals Roemenië en Spanje de poort openen voor de invoer van meer gemodificeerde voedercomponenten.
Euh… waarom in Roemenië en Spanje?
In ons land zie ik de invoer van gemodificeerde gewassen op korte termijn niet substantieel toenemen door enerzijds het scherpe toezicht van Greenpeace en anderzijds de lastenboeken van supermarktketens waarin het gebruik van ggo-gecontroleerd mengvoeder expliciet geëist wordt. Maar indien andere EU-landen wél meer ggo-voeder invoeren, kan dat de grondstoffenmarkt bij ons wat ademruimte geven.
Een jaar geleden heeft de mengvoedersector een platform opgestart met de bedoeling om op termijn alleen nog maar duurzaam geteelde gewassen te importeren. Wordt dat initiatief in de huidige prijscontext op een laag pitje gezet?
Geen sprake van. Samen met Boerenbond, FWA, de zuivelindustrie, de grondstoffenhandel en de ngo-sector hebben we een lijst opgesteld met parameters die we in het kader van duurzaamheid belangrijk vinden. Momenteel onderzoeken we de controleerbaarheid van elke afzonderlijke parameter, al dan niet via een certificeringsysteem. Daarna zullen we een aantal parameters prioritair stellen en op korte termijn gefaseerd invoeren. Het lijkt me bijvoorbeeld vrij makkelijk om na te gaan of bepaalde grondstoffen niet afkomstig zijn uit regio’s waar grootschalige boskap plaatsvindt of van bedrijven die slaven tewerkstellen. Als proefproject werken we rond soja, maar we zijn wel degelijk van plan om alle grondstoffen onder de loep te nemen.
Greenpeace huivert voor het gebruik van gemodificeerde soja in diervoeder, terwijl de zuivelindustrie helemaal geen zin heeft om voor dit dossier melkstromen te gaan opsplitsen. Hoe rijm je dat rond eenzelfde onderhandelingstafel?
(korte stilte) Als de ngo’s hiervan een breekpunt maken, zit het overleg natuurlijk strop. Daarom probeert het overlegplatform om de ggo-kwestie in de tijd wat naar achter te schuiven.
De mengvoedersector zou de zuivelfabrieken ook kunnen aanporren om enkel nog melk te verwerken van melkveehouders die ggo-gecontroleerd diervoeder gebruiken?
Het klopt dat we zelf wél een lastenboek hebben uitgewerkt. De ggo-gecontroleerde diervoeders hebben tot hiertoe het meeste succes in de pluimveesector, met een penetratiegraad van veertig à vijftig procent van het totale aantal voeders. Uit de ongeveer 600 analyses die de mengvoedersector jaarlijks uitvoert, blijkt echter dat het steeds moeilijker wordt om niet-gecontamineerde voeders te produceren. De tolerantiewaarde in de ggo-wetgeving is gemaakt voor grondstoffen, en niet voor een mix ervan. Van zodra je enkele grondstoffen samenvoegt, zit je heel snel boven de limieten. Omdat Europa geen aanstalten maakt om hier een mouw aan te passen, heb ik er begrip voor dat de zuivelsector niet staat te springen om in een systeem te stappen dat niet waterdicht is.
Heeft ook Greenpeace daar begrip voor?
Zelfs indien de besprekingen met Greenpeace zouden afspringen, gaan we op volle kracht met dit project door. De ggo-gecontroleerde voeders zijn een nicheproduct gebleven. Wij zouden graag hebben dat de duurzame grondstoffen die we in de toekomst gaan gebruiken de mainstream uitmaken.