nieuws

Stagnering biogassector versterkt door laagconjunctuur

nieuws
Het aantal grote biogasinstallaties in Vlaanderen is het afgelopen jaar blijven hangen op 40 stuks, terwijl de productie van groene stroom uit biogas blijft stijgen. Dat blijkt uit het elfde voortgangsrapport over de biogassector, gepubliceerd door Biogas-E. Enkel de pocketvergisting kent een lichte groei, maar minder groot dan de voorgaande jaren. De negatieve economische conjunctuur heeft met andere woorden ook een impact op de biogassector, die het moeilijk blijft hebben. Kenniscentrum Biogas-E zet in de verf dat biogas 10,8 procent van de totale productie van hernieuwbare energie in 2014 uitmaakte.
15 december 2015  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:33
Lees meer over:

Het aantal grote biogasinstallaties in Vlaanderen is het afgelopen jaar blijven hangen op 40 stuks, terwijl de productie van groene stroom uit biogas blijft stijgen. Dat blijkt uit het elfde voortgangsrapport over de biogassector, gepubliceerd door Biogas-E. Enkel de pocketvergisting kent een lichte groei, maar minder groot dan de voorgaande jaren. De negatieve economische conjunctuur heeft met andere woorden ook een impact op de biogassector, die het moeilijk blijft hebben. Kenniscentrum Biogas-E zet in de verf dat biogas 10,8 procent van de totale productie van hernieuwbare energie in 2014 uitmaakte.

De Vlaamse biogasinstallaties produceerden het voorbije jaar meer groene energie uit biogas dan vorig jaar, maar desondanks blijft de sector ter plaatse trappelen wat het aantal grote installaties betreft. Volgens de beleidsdoelstelling van de Vlaamse overheid moet biogas tegen 2020 instaan voor 760 GWh groenestroomproductie. Biogas, gevormd uit biomassa via anaerobe vergisting, leverde in 2014 met 700 GWh een significante bijdrage aan de productie van groene stroom in Vlaanderen en komt in de buurt van het streefdoel van de Vlaamse overheid. Het gaat om een stijging van 14 procent of 86 GWh ten opzichte van vorig jaar. Ter vergelijking: in 2004 produceerde de sector net iets meer dan 100 GWh.

Ondanks het feit dat het aantal grote vergisters stagneert, stijgen de productiecijfers wel degelijk. Dat wijst er volgens Biogas-E op dat de bestaande installaties efficiënter draaien. De cijfers voor de rioolwaterzuiveringsintallaties blijven lichtjes stijgen, terwijl de groenestroomproductie uit industriële anaerobe waterzuivering ongeveer gelijk blijft. De biogasproductie uit stortplaatsen blijft dalen, wat een verderzetting is van de trend van de laatste jaren. Het wordt dan ook een uitdaging voor de huidige legislatuur om het actuele productieniveau te blijven handhaven, zo klinkt het bij Biogas-E. In 2014 vertegenwoordigde biogas 10,8 procent van de totale productie van hernieuwbare energie, inclusief groene stroom, groene warmte en biobrandstoffen.

Eind december 2014 waren er 40 grote agrarische, industriële en GFT-installaties in werking. De totale vergunde verwerkingscapaciteit van deze installaties bedraagt 2.587.000 ton per jaar, met een totaal geïnstalleerd elektrisch vermogen van 104,19 MWe. Eind 2014 zijn twee installaties in bouwfase, maar nog niet operationeel, goed voor een extra capaciteit van 70.300 ton per jaar, en een elektrisch vermogen van 3,4 MWe. Acht installaties zijn buiten werking. Vijf installaties zijn in overname, heropstart, of hebben technische of administratieve problemen.

Verder gingen in 2014 ook drie installaties failliet. Véronique De Geest, beleidsadviseur bij Biogas-E, spreekt van “een duidelijk signaal dat de biogassector het moeilijk heeft”. Sinds 2012 blijft de sector hangen op 39 à 40 installaties. Er worden wel nieuwe installaties opgestart, maar er zijn ook evenveel installaties die buiten werking worden gesteld, of zich in een overnamefase bevinden. De vergunde verwerkingscapaciteit (ton/jaar) is met 61 procent gestegen ten opzichte van het referentiejaar 2010, en ook het elektrisch vermogen is volgens dezelfde grootteorde (65,6%) gestegen. De nieuwe installaties zijn dus groter dan de installaties die uit dienst zijn gegaan in de loop van de jaren, maar ook bestaande installaties in landbouwgebied werden uitgebreid tot de maximale capaciteit van 60.000 ton per jaar.

Kleinschalige vergisting is het segment waar de voorbije jaren steevast een mooie groei te noteren viel. De kleinschalige vergisting kende in Vlaanderen een sterke ontplooiing in 2012 en 2013, maar in 2014 viel een sterke daling waar te nemen in het aantal nieuw geïnstalleerde installaties. In heel 2014 werden slechts negen nieuwe installaties in gebruik genomen. Een eerste indicatie voor 2015 geeft alvast aan dat de cijfers van 2014 op zijn minst zullen worden geëvenaard. De gemiddelde kleinschalige vergister heeft nog steeds een vermogen rond de 10 kW elektrisch. In 2014 waren 64 kleinschalige installaties operationeel, waarvan 23 in de provincie Antwerpen, 16 in Oost-Vlaanderen, 11 in West-Vlaanderen, 11 in Limburg en drie in Vlaams-Brabant.

Biogas-E benadrukt dat de biogassector enorm veel troeven heeft, maar dat diverse factoren de voorbije jaren hebben bijgedragen tot een verhoogde onzekerheid en lagere financiële opbrengsten: de beschikbaarheid van biomassa en de stijging van de grondstofprijzen, moeizamere afzet en hogere kosten voor afzet en verwerking van digestaat en nevenstromen, lagere commodityprijzen voor elektriciteit op de energie-index en onvoldoende ondersteuning vanuit het wettelijk ondersteunend kader voor groene energie uit biogas, om er enkele te noemen.

Op het verlanglijstje van de sector staat onder meer een verlenging van de certificaatgerechtigde periode. De huidige termijn van tien jaar is te kort, zo klinkt het. “Er kan weliswaar een verlenging worden aangevraagd, maar de procedure is onduidelijk en wordt te laat opgestart”, aldus Biogas-E. “Daardoor ontstaat onzekerheid voor de biogasexploitant. In het verleden is gebleken dat het bijna onmogelijk is om te overleven zonder steun. Deze situatie is onrustwekkend voor de biogassector.” Daarnaast vraagt de sectorkoepel ook een duidelijkere verlengingsprocedure en een betere opvolging van het steunkader voor biomethaan. Vanuit het beleid is er interesse om het gebruik van biomethaan te stimuleren als middel om de transportsector te vergroenen. Biogas-E werd aangesteld als trekker voor een demoproject.

In samenwerking met de UGent zal Biogas-E de komende vier jaar inzetten op technologie- en systeeminnovatie die het basis bedrijfsmodel voor anaerobe vergisting meer rendabel en minder afhankelijk moet maken van grillige schommelingen in het ondersteuningsbeleid. Dat project zal naar de naam TransBio luisteren en moet het bedrijfsmodel voor de sector optimaliseren door in te zetten op de basiswaarden waaruit de sector initieel is gegroeid: kennis en innovatie.

Concreet gaat het over vier grote thema’s: een verminderde kost voor grondstoffen door supply chains voor huidig onbenutte biomassastromen verder te ontwikkelen. Voorbeelden zijn bermgras, beheermaaisels, GFT, oogstresidu’s en alternatieve teelten. Ten tweede het verhogen van de inkomsten uit geproduceerde stroom door intelligenter in te zetten op intra-day variatie in stroomprijzen en de inzet van biogasinstallaties als “balansregelaars” die kunnen bufferen voor meer grillige energieproductievormen zoals wind- en zonne-energie. Ten derde de diversificatie van de markt door opwerking van biogas naar biomethaan en vervolgens handel als groene brandstof, en als laatste de recuperatie en opwerking van minerale constituenten tot hoogwaardige minerale bemesters die kunnen fungeren als kunstmestvervangers.

In samenwerking met het Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking (VCM) en Inagro organiseert Biogas-E vzw op 17 december de laatste opleidingsavond voor professionals van 2015. Inschrijven en meer info via Biogas-E.

Bron: |

In samenwerking met: Biogas-E vzw

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek