Peeters: behoud Vlaams landbouwareaal is prioritair
nieuws“De voor Vlaanderen gereserveerde 750.000 hectare voor landbouw dient minstens behouden te blijven. Naast ruimte voor het verweven van functies heeft de land- en tuinbouw ook nood aan ruimte waar de landbouwproductie maximaal alle kansen krijgt”, aldus minister-president Kris Peeters in zijn repliek op een vraag van CD&V’er Jos De Meyer naar de plaats van land- en tuinbouw in het Vlaanderen van morgen.
De vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer in de commissie Landbouw van het Vlaams Parlement kadert in het debat over het Groenboek van Vlaams minister van Ruimtelijke Ordening Philippe Muyters. “Er moet grondig nagedacht worden over de plaats die we in de 21ste eeuw aan de landbouwsector willen geven”, vindt De Meyer. “Ruimte en de beschikbare gronden zijn belangrijke productiefactoren voor de sector. Het debat daarover dient nu gevoerd te worden gezien het Groenboek van minister Muyters 'Vlaanderen in 2050: mensenmaat in een metropool?' nu op tafel ligt.”
Muyters’ Groenboek vormt een aanzet voor een nieuw ruimtelijk structuurplan, het zogenaamde Beleidsplan Ruimte Vlaanderen. Het document kreeg al kritiek uit verschillende hoeken. Zo vertrekt het Groenboek volgens de Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij (SALV) te nadrukkelijk vanuit een stedelijke dynamiek en mist het de nodige aandacht voor het buitengebied. “Bovendien verloopt de herbevestiging van de agrarische gebieden binnen het huidige Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen nu reeds problematisch”, waarschuwt De Meyer.
In zijn antwoord laat minister-president Kris Peeters zijn licht schijnen op de toekomst van de landbouwsector in het Vlaanderen van de 21ste eeuw. Daarbij onderstreept hij de noodzaak van een efficiënt gebruik van de beschikbare grondstoffen. De klimaatverandering zal er voor zorgen dat de landbouwproductie automatisch verschuift naar de meest geschikte gebieden. Vlaanderen is volgens Peeters zo’n uitgelezen landbouwzone. “We zullen ons dan ook de vraag moeten stellen welke verantwoordelijkheid Vlaanderen zal dragen in het verhogen van de globale voedselproductie.”
Als de Vlaamse landbouw een voedselexporterende rol wil blijven vervullen, moet ze binnen de ruimtelijke ordening de nodige aandacht krijgen, benadrukt Peeters: “Naast ruimte voor gemengd gebruik heeft de land- en tuinbouwsector ook nood aan ruimte waar de landbouwproductie alle kansen krijgt.” Zo moet de 750.000 hectare voor landbouw zoals beschreven in het AGNAS-proces minstens behouden blijven.
“Daarnaast moeten ook de mogelijke interacties via verbreding en korte keten behouden blijven voor landbouw buiten het landbouwgebied”, verwijst de minister-president naar zonevreemde landbouwbedrijven. In een pas gepubliceerd rapport van het Departement Landbouw en Visserij staat namelijk te lezen dat drie op de tien landbouwbedrijven buiten het daarvoor bestemde landbouwgebied vallen.
“Door zowel in te zetten op ruimte specifiek voor landbouw als op ruimte voor verweving van landbouw met andere functies, moeten de verschillende vormen van land- en tuinbouw de nodige ontwikkelingskansen krijgen”, klinkt het.
Tenslotte haalde Peeters ook een aantal korte termijnacties aan die moeten garanderen dat de ruimtelijke ontwikkeling in agrarische gebieden “weloverwogen” plaatsvindt. Zo gaat de administratie ruimtelijke ordening na voor welke strategisch belangrijke landbouwgebieden een nieuwe aanpak kan worden gehanteerd zodat het professioneel agrarisch gebruik in deze gebieden maximaal voorrang krijgt.
Tine Eerlingen (N-VA) nam de verdediging op van haar partijgenoot en ontkende de beweringen van De Meyer en Peeters als zou er in het Groenboek van minister Muyters niet genoeg aandacht worden besteed aan landbouw. “Landbouw heeft wel degelijk een plaats in onze toekomstvisie”, repliceerde ze, “maar we moeten er ook over waken dat niet iedereen zo hard vasthoudt aan zijn eigen vierkante meter.”
Bron: eigen verslaggeving