header.home link

Ontevredenheid over snelle evaluatie MAP 6

30 juni 2020
Omdat de waterkwaliteit ook de laatste twee jaar is achteruitgegaan, wil Vlaams minister van Omgeving en Natuur Zuhal Demir (N-VA) een overleg opstarten met de middenveldorganisaties om het mestactieplan (MAP 6) bij te sturen. “Het is geen optie om te wachten op de start van MAP 7 in 2023 om in te grijpen”, laat VLM weten. ABS en Groene Kring reageren verontwaardigd. “Deze tussentijdse evaluatie komt er amper 11 maanden nadat het plan wettelijk in voege is getreden. Deze evaluatie komt veel te vroeg”, klinkt het.

Omdat de waterkwaliteit ook de laatste twee jaar is achteruitgegaan, wil Vlaams minister van Omgeving en Natuur Zuhal Demir (N-VA) een overleg opstarten met de middenveldorganisaties om het mestactieplan (MAP 6) bij te sturen. “Het is geen optie om te wachten op de start van MAP 7 in 2023 om in te grijpen”, laat VLM weten. ABS en Groene Kring reageren verontwaardigd. “Deze tussentijdse evaluatie komt er amper 11 maanden nadat het plan wettelijk in voege is getreden. Deze evaluatie komt veel te vroeg”, klinkt het.

De Vlaamse Landmaatschappij (VLM) laat weten dat minister Demir in gesprekken met middenveldorganisaties wil nagaan welke initiatieven er genomen moeten worden om de effectiviteit, uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid van MAP 6 te verbeteren. Dat is volgens VLM in overeenstemming met het mestdecreet. “Bij de totstandkoming van MAP 6 rezen al vragen of dit nieuwe plan voldoende krachtig zou zijn om de waterkwaliteitsdoelstellingen te bereiken. Daarom werd in een tussentijdse evaluatie voorzien”, klinkt het.

Die evaluatie is volgens VLM afgerond en de conclusie daarvan is dat de waterkwaliteit doorgaans niet is verbeterd en soms zelfs is afgenomen ten opzichte van de uitgangssituatie van MAP 6. “In het winterjaar 2019-2020 kampte 32 procent van de MAP-meetpunten oppervlaktewater met een overschrijding van de maximale norm van 50 mg nitraat per liter. Dat is 12 procent meer dan in de periode 2013-2017. Ook de gemiddelde concentraties evolueren dermate ongunstig, dat de door MAP 6 vooropgestelde verbetering van 4 mg nitraat/liter in de gebieden waar de waterkwaliteit slecht is, in het gedrang komt”, luidt het.

Voor grondwater blijkt de waterkwaliteit te stagneren, merkt VLM op. “Gunstig is dat een groot aantal gebieden die al goed waren, verder verbeteren. Ongunstig daarentegen is dat een groot aantal gebieden met een heel slechte waterkwaliteit verder verslechteren.”

Hoewel uit de evaluatienota blijkt dat de vooropgestelde doelstellingen nog veraf zijn, verwacht VLM wel een positief effect van de in MAP 6 opgenomen maatregelen. Voor extra maatregelen wordt dan ook in de eerste plaats gekeken naar het verder verhogen van de effectiviteit van MAP 6 en het versterken van de uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid ervan. “Indien nodig worden wetgevende initiatieven opgestart om maatregelen regelgevend te verankeren, zodat de nieuwe maatregelen van start kunnen gaan op 1 januari 2021”, aldus VLM.

ABS is niet te spreken over dit initiatief van de minister. “Er is inderdaad voorzien dat er een tussentijdse evaluatie van het mestactieplan gebeurt halfweg 2020. Maar hiermee gaat de wetgever voorbij aan het feit dat het mestdecreet zoals we het vandaag kennen pas op 30 juli 2019 werd gepubliceerd in het Staatsblad. Daarmee komt de tussentijdse evaluatie dus 11 maanden na het in voege gaan van het mestdecreet. De evaluatie komt er dus niet op een ogenblik dat de waterkwaliteit ten gevolge van de vigerende regels kan beoordeeld worden”, zegt voorzitter Hendrik Vandamme.

De nitraatresidumetingen die gebeurden gedurende de najaarscampagne 2019 en de waterkwaliteitsmetingen van de voorbije winterperiode geven volgens ABS onmiskenbaar waarden weer die het resultaat zijn van bemestingspraktijken op basis van de geldende regelgeving in het bemestingsseizoen 2019 en mede beïnvloed werden door de extreme weersomstandigheden in de zomer van 2019. “Op dat ogenblik was er nog geen nieuw decreet en was MAP 5 nog van toepassing”, benadrukt de landbouworganisatie.

“Pas in juni, na de stemming van het decreet in het Vlaams Parlement, kwam de eerste communicatie van de overheid over de bijgestelde normen en drempelwaarden. Het decreet werd pas eind juli gepubliceerd en bijgevolg was het pas dan van toepassing met kracht van wet”, stelt Vandamme. “Bovendien werd de toenmalige belofte om alles op pragmatische wijze aan te pakken niet gevolgd. Dat weten we intussen ook. Een resem aan boetes en de verticale klassering van bezwaarschriften werd ons deel.”

ABS verwijst naar adviezen van zowel de MINA-raad als de SALV die stelden dat er in mei 2019 nog geen sluitende conclusies konden getrokken worden over de “absolute effectiviteit van MAP 6”. “Dat was een duidelijke oproep richting politiek om niet te snel te komen met deze evaluatie en in overleg te gaan met de betrokken actoren. Ook de milieubeweging onderschreef mee die boodschap”, aldus Hendrik Vandamme.

De manier waarop de tussentijdse evaluatie vandaag wordt aangepakt, komt niet tegemoet aan het advies van beide raden, zo stelt ABS. “Wanneer men doorgaat op de ingeslagen weg zal het draagvlak, voor zover dat dit er nog is, volledig wegvallen en gaan we terug over naar de pittige discussies die de land- en tuinbouwers ook wel eens opnieuw uit hun kot zouden kunnen brengen. Het scenario om verschillende acties op te zetten, zou wel eens sneller dan gedacht uit de schuif kunnen gehaald worden”, dreigt de voorzitter.

Ook Groene Kring reageert op Twitter op het voornemen van minister Demir om te starten met de gesprekken over de tussentijdse evaluatie van MAP 6. “Het mestdecreet evalueren vooraleer het goed en wel is uitgevoerd, dat is als je auto naar de keuring brengen vooraleer de wielen gemonteerd zijn. Eerst uitvoeren, dan evalueren. Dat is toch zo gek niet?”, tweet voorzitter Bram Van Hecke.

Bron: Eigen verslaggeving/Drietandmagazine

Beeld: VLM

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek