Landbouw en dierenwelzijn matchen niet volgens enquête
nieuwsBij welke minister dierenwelzijn moet terechtkomen na de regionalisering van deze bevoegdheid was half februari stof tot discussie. In volle mediahype lanceerde marktonderzoeksbureau De Cijferij op eigen initiatief een enquête via sociale media en e-mail. Van de bijna 2.160 Vlamingen die hun mening gaven, is 67 procent geen voorstander van een koppeling van de bevoegdheden landbouw en dierenwelzijn.
De Vlaamse politiek getuigt van een onthutsend gebrek aan aandacht voor dierenwelzijn, terwijl de overgrote meerderheid van de Vlamingen juist erg begaan is met dierenwelzijn. Dat besluit De Cijferij uit het onafhankelijk onderzoek dat zij voerde in de nasleep van de commotie rond de minister die in de toekomst bevoegd wordt voor dierenwelzijn. De bevraging peilde naar het belang van dierenwelzijn en de politieke aandacht hiervoor in Vlaanderen. Ze werd verspreid via e-mail en sociale media en bereikte een erg divers publiek, van dierenrechtenactivisten tot landbouwers.
Maar liefst 81 procent van de respondenten is van oordeel dat de politiek onvoldoende aandacht besteedt aan het welzijn van dieren. Tekenend is het antwoord op de vraag ‘Welke partij besteedt volgens u het meeste aandacht aan dierenwelzijn’, waarop 58 procent antwoordt "geen enkele partij". In de rangschikking van de partijen die wél begaan zijn met dierenwelzijn staat Groen op de eerste plaats met 25 procent, gevolgd door CD&V met acht procent en N-VA met vier procent.
De Cijferij berekende een algemene dierenwelzijnsscore. Die is samengesteld uit vragen die onder meer peilen naar het belang dat men hecht aan dierenwelzijn voor huisdieren en voor consumptiedieren, en de visie op welzijnskwesties zoals onverdoofd slachten, onverdoofd castreren en broodfok. Een gemiddelde dierenwelzijnsscore van acht op tien geeft aan dat de Vlaming erg begaan is met dierenwelzijn. 92 procent vindt het welzijn van huisdieren (zeer) belangrijk en 86 procent hecht even veel belang aan het welzijn van landbouwdieren.
De vraag of veehouders begaan zijn met dierenwelzijn, wordt door 30 procent van de Vlamingen positief beantwoord. 19 procent gaf een neutraal antwoord en 51 procent vindt van niet. In de enquête komen niet-landbouwers als 'significant diervriendelijker' naar voren. Landbouwers scoren 'eerder niet diervriendelijk' of 'neutraal'. Bij het vergelijken van de dierenwelzijnsscores per partij vertonen de Groen-kiezers de hoogste score van 9,3 op 10. CD&V-kiezers scoren het laagst en wensen ook het kleinste politiek gewicht toe te kennen aan dierenwelzijn in het Vlaams Parlement.
Er werd ook gepeild naar de visie over het koppelen van de bevoegdheden landbouw en dierenwelzijn binnen eenzelfde ministerportefeuille. Twee op de drie Vlamingen vindt dat geen goed idee. Met 79 procent toont de CD&V-kiezer zich wel een groot voorstander van zo’n gezamenlijke ministerpost, gevolgd door Open Vld (51%), N-VA (44%), Vlaams Belang (30%) en sp.a (28%). Groen-kiezers zijn dit voorstel het minst genegen, slechts 14 procent van hen is voor. De tegenstanders zijn Vlamingen met een relatief hoge dierenwelzijnsscore, die van oordeel zijn dat veehouders niet begaan zijn met het wel en wee van hun dieren. Landbouwers zijn bij de grootste voorstanders want 94 procent van hen is pro.
Het onverdoofd (ritueel) slachten van dieren is voor de Vlaming het minst aanvaardbaar wanneer hij zijn mening moet geven over heikele welzijnsthema's. De top drie wordt vervolledigd door broodfok van honden en onverdoofd castreren van biggen. Twijfel is er vooral over de dierproeven in de geneeskunde (53% vindt dat eerder tot totaal onaanvaardbaar). Andere dilemma’s inzake dierenwelzijn zijn voor het gros van de respondenten 'eerder tot totaal onaanvaardbaar': dierproeven in de cosmetica, pelsdierhouderij, productie van foie gras, legbatterijen en dieren in circussen, waar nog 67 procent tegen gekant is.
Meer info: De Cijferij
Beeld: De Cijferij