header.home link

KMI berekent nieuwe klimaatnormalen: klimaatopwarming is duidelijk

25 januari 2021

Het KMI heeft de klimaatnormalen voor Ukkel beschikbaar gesteld. Ze werden berekend voor de meest recente 30-jarige periode 1991-2020. “Deze normaalwaarden zijn van groot belang om weer te geven hoe sterk het klimaat in België verandert”, aldus het KMI. Volgens het weerinstituut is de klimaatverandering het sterkst zichtbaar in de temperatuur.

De klimaatnormaal stemt overeen met een gemiddelde waarde voor een periode van 30 jaar. Elke tien jaar berekent het KMI nieuwe normalen voor de belangrijkste klimatologische parameters (temperatuur, neerslag, zon, vochtigheid, wind, luchtdruk) en andere indices, zoals het aantal zomerse en vorstdagen. Het berekenen van nieuwe normalen is internationaal vastgelegd door de Wereld Meteorologische Organisatie.

De nieuwe referentieperiode 1991-2020 vervangt de voorgaande referentieperiode van 1981-2010. Deze tienjarige berekening van nieuwe normalen laat toe om rekening te houden met de huidige klimaatverandering. "Deze normalen zijn in het bijzonder nuttig als hulpmiddel voor beleidsmakers van publieke overheden en verschillende sectoren die gelinkt zijn aan klimaat, zoals bijvoorbeeld energie, watervoorziening, landbouw, toerisme, enz.", aldus het KMI in een persbericht.

Deze normalen zijn vooral nuttig als hulpmiddel voor beleidsmakers van publieke overheden en verschillende sectoren gelinkt aan klimaat, zoals energie, watervoorziening, landbouw, enz.

KMI

De normaalwaarden zijn van groot belang om weer te geven hoe sterk het klimaat in België verandert. De klimaatverandering is het sterkst zichtbaar in de temperatuur. Zo toont de tabel over de evolutie van de jaarlijkse gemiddelde temperatuur in Ukkel sinds 1833, samen met de vier laatste normaalwaarden sinds 1961, dat gemiddelde temperatuur in Ukkel sinds 1970 onafgebroken is toegenomen, met momenteel een gemiddelde opwarming van 1,2 graden Celsius ten opzicht van 1961-1990.

KMI nieuwe normalen grafiek_KMI

De klimaatverandering uit zich ook in weerextremen. Zo zijn er de laatste 30 jaar gemiddeld 13 vorstdagen minder tegenover de periode 1961-1990. Ook het aantal zomerse dagen per jaar steeg van gemiddeld 20 dagen in de vorige referentieperiode naar 30 dagen in de periode 1991-2020. Het aantal tropische dagen is dan weer toegenomen van gemiddeld 2 tropische dagen per jaar naar gemiddeld 5 tropische dagen.

Tot slot is er sinds de jaren 1980 een duidelijke toename in het aantal uren zonneschijn merkbaar. De laatste 30 jaar is de zonneschijnduur met 94 uur toegenomen tegenover de periode 1961-1990, waarvan meer dan de helft van de toename plaatsvond sinds de periode 1981-2010. “Deze toename in de zonne-energie die het aardoppervlak bereikt, is gedeeltelijk te wijten aan een verbetering van de luchtkwaliteit in onze regio’s, dankzij inspanningen om de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen te verminderen”, aldus het KMI.

Bron: Eigen verslaggeving

Beeld: KMI

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek