Kiwibestelers timmeren aan de weg naar marktsucces
nieuwsWie meer wou weten over de teelt en verkoop van kiwibes moest medio mei in Nederland zijn. De internationale werkgroep kiwibes hield er in de Coöperatieve Fruitveiling Zuid-Limburg een tweedaagse kennisuitwisseling. Werkgroepvoorzitter Filip Debersaques (UGent) kondigde daar een wetenschappelijke publicatie over de kiwibes aan die focust op mogelijke gezondheidsclaims. Verder zit er een infofolder voor consument en handel in de pijplijn want de beschikbaarheid van kiwibessen in de supermarkten is zo beperkt dat onbekend onbemind maakt. Op telersniveau is het een continu leerproces. Lang niet alle kiwibestelers hebben namelijk een achtergrond in de fruitteelt. Debersaques spreekt van een 25-tal Belgen die samen met tien Nederlandse collega’s om en bij de 40 hectare kiwibes telen.
In een jonge teelt zoals kiwibes is de nood aan kennis groot zodat de Belgische pionier Filip Debersaques, hoofdlector tuinbouw aan Universiteit Gent, enkele jaren geleden een internationale werkgroep oprichtte. “Jaarlijks komen we samen in een partnerland om via uitwisseling van informatie de kiwibesteelt naar een hoger niveau te tillen. Een 35-tal experten verzamelden dit jaar in het Zuid-Limburgse dorp Margraten (Nederland).
Nederlands Limburg is één van de geschikte teeltgebieden voor kiwibes. In Vlaanderen heeft de teelt het meeste slaagkansen van het Waasland tot de Noorderkempen. Dat heeft met de bodem te maken, “die is best niet te zwaar”, tipt professor Debersaques. Op goede grond kan er van een hectare kiwibessen in volle productie 15 tot 18 ton geoogst worden. “De eerste drie jaren kan er nagenoeg niets geplukt worden. Dat verklaart waarom het areaal in België en Nederland ongeveer 40 hectare bedraagt terwijl de productie niet hoger dan 140 ton uitkomt. Veel plantages zijn van recente datum.”
Bijna de volledige Belgische en een belangrijk deel van de Nederlandse productie wordt verhandeld via Coöperatie Hoogstraten. De veiling uit de Noorderkempen maakte afspraken met andere producentenorganisaties in Vlaanderen en Nederland voor de centralisatie van het aanbod. Met een aanvoer van 100 ton kiwibessen is het daarin geslaagd. Een minderheid van dat volume blijft in eigen land want de Duitsers en de Britten kopen deze lekkernij met grote Belgische inbreng. Debersaques geeft aan dat het beperkte aanbod in de Belgische supermarkten de kiwibes parten speelt.
Bijna tien jaar na de start van commerciële kiwibesteelt in eigen land heeft de consument de smaak nog niet echt te pakken. Dat kan ook moeilijk want kiwibessen zijn erg schaars in de Belgische handel. De vraag is wat er eerst nodig is: vraag naar kiwibessen vanwege de consument zodat supermarkten hun fruitassortiment ermee verruimen, of aanbod in de supermarkten zodat consumenten verlekkerd kunnen worden op de kiwibes. Professor Debersaques wil komaf maken met deze patstelling door samen met de universiteit van Warshau (Polen) onderzoek te doen naar de kiwibes. “Onderzoek dat niet alleen moet resulteren in een wetenschappelijk artikel, maar ook in een folder die gezondheid en smaak uitspeelt als verkoopsargumenten.”
Ook op het niveau van de handel is er nog werk om de verkoop van kiwibes goed van de grond te krijgen. Supermarkten kennen de kiwibes net zomin als de consument en dat zorgt voor vergissingen die potentiële kopers afschrikken. Filip Debersaques somt de vaakst voorkomende fouten op: “Kiwibessen horen in de frigoruimte thuis, bij de blauwe en de rode bessen. Door ze in de fruitrayon naast de kiwi’s te leggen, bewaren ze minder goed. Een regelmatige kleine aanvoer van kiwibessen naar een supermarkt is beter dan er ineens drie paletten afzetten want een kiwibes bewaart niet zo lang. Als men kiwibessen laat proeven, is het belangrijk dat rijpe exemplaren aan de consument worden aangeboden.”
Zoals de handel betaalt ook de teler leergeld. “In korte tijd zijn we al veel wijzer geworden maar er blijven zich nieuwe uitdagingen stellen. Zo is de import van stuifmeel, nodig voor een goede bestuiving van de kiwibesplanten, vanuit Nieuw-Zeeland en Argentinië aan banden gelegd uit schrik voor ziekteoverdracht naar kiwi’s. Op vlak van bemesting is in België unieke kennis vergaard dankzij een IWT KMO-innovatieproject. Debersaques maakt gewag van een grote stap voorwaarts inzake vruchtgrootte en opbrengst.” Dat een goede teeltbegeleiding nodig is, heeft te maken met de erg verscheiden achtergrond van de Belgische kiwibestelers. Daar zijn ervaren fruittelers bij, maar evengoed groente- en aardbeientelers en andere bijberoepers.
De bijeenkomsten van de werkgroep kennen sinds de start een langzame maar zekere groei. In zijn huidige samenstelling bestaat de kiwibes-werkgroep uit een 35-tal onderzoekers, telers, veredelaars en enthousiastelingen uit de fruithandel. Naast deelnemers uit België en Nederland zijn er ook experten uit Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland, Groot-Brittannië, Polen, Portugal en Italië. Na de voordrachten en een workshop rond een specifiek thema werden er veldbezoeken georganiseerd om over een aantal praktische teeltaspecten discussiëren. Volgend jaar gaat de internationale kiwibesmeeting door in Portugal.
Meer weten over de kiwibes? Mail naar info@kiwibes.be.
Beeld: Filip Debersaques