Honderden fytolicenties worden last minute aangevraagd
nieuwsGisteren wezen we de Belgische landbouwers, loonwerkers en andere ‘praktiserende’ gebruikers van gewasbeschermingsmiddelen op de hoogdringendheid waarmee zij best een fytolicentie aanvragen als dat nog niet gebeurd is. Via Twitter laat Nefyto, de Nederlandse brancheorganisatie van de gewasbeschermingsmiddelenindustrie, weten dat een spuitlicentie bij hen al bijna 20 jaar verplicht is. Ook in Nederland moeten professionelen hun vakbekwaamheid bewijzen aan de hand van een certificaat dat door de overheid uitgereikt wordt. In eigen land is de belangstelling voor de fytolicentie groot. De FOD Volksgezondheid krijgt honderden aanvragen nu het einde van de overgangstermijn nadert.
Vanaf 25 november moeten alle handelaars, voorlichters maar ook de grote groep professionele gebruikers van gewasbeschermingsmiddelen over een fytolicentie beschikken. Het gaat om een certificaat met een standaard geldigheidsduur van zes jaar dat uitgereikt wordt door de FOD Volksgezondheid en waarmee de houder bewijst dat hij bekwaam is om gewasbeschermingsmiddelen te gebruiken. Tijdens de overgangsperiode, die eind deze maand afloopt, kan het certificaat verkregen worden op basis van ervaring.
Hoewel vroege aanvragen van de fytolicentie beloond werden met een langere geldigheidsduur (7 jaar), dient een deel van de professionele gebruikers van gewasbeschermingsmiddelen hun aanvraag nu pas in. Zo kort voor het einde van de overgangstermijn op 31 augustus kost hen dat een jaar geldigheidsduur (vijf in plaats van de normale zes jaar, nvdr.) maar hebben gebruikers nog wel het voordeel dat zij het certificaat kunnen bekomen op basis van ervaring.
Vanaf 1 september ontsnapt niemand nog aan de verplichting om een examen af te leggen. Begin augustus waren er reeds 60.000 licenties afgeleverd, waarvan het merendeel P2-licenties voor professionele gebruikers. Een deel van de gebruikers schiet laat wakker zodat er in de laatste week van de overgangstermijn nog evenveel aanvragen binnenlopen als tijdens het eerste jaar (2013-2014) dat een aanvraag kon gebeuren. Het zou gaan om honderden aanvragen per dag. Bij de FOD Volksgezondheid neemt men dat filosofisch op: "We vermoeden dat er altijd een doelgroep is die zich op het laatste moment in orde tracht te stellen."
Eens op zak is een fytolicentie niet onbeperkt in tijd geldig. Een land- of tuinbouwer die zijn P2-fytolicentie wil behouden, moet tijdens de geldigheidsduur van zes jaar vier bijscholingen volgen. Zo verzekert de overheid zich ervan dat professionelen op de hoogte blijven van nieuwe evoluties op vlak van gewasbescherming. Er verdwijnen immers voortdurend chemische stoffen terwijl er nieuwe actieve stoffen of nieuwe samenstellingen bijkomen.
Bovendien zijn de ziekten, onkruiden en plagen die het gewassen lastig maken geen statisch gegeven. Soms duikt er resistentie op en moet een bestrijdingsstrategie aangepast worden. Bovendien evolueren inzichten en worden chemische middelen hoe langer hoe meer als een laatste redmiddel gezien, of toch als een onderdeel van een bredere aanpak die ‘integrated pest management’ (IPM) heet. Een goed voorbeeld daarvan zijn de nuttige insecten die plaaginsecten helpen uitschakelen als de landbouwer een verstandige productkeuze maakte en een selectief insecticide spoot.
Het correct toepassen van gewasbeschermingsmiddelen vergt met andere woorden meer kennis dan ‘van vader op zoon’ doorgegeven kan worden. Door een fytolicentie te verwerven en door middel van bijscholing te behouden, bewijst een land- of tuinbouwer tegenover de overheid en de buitenwereld dat hij die kennis in huis heeft. Net die vakbekwaamheid maakt dat een professioneel chemische stoffen mag aanschaffen die bij verkeerd gebruik milieugevaarlijk zijn terwijl een particulier die bestrijdingsmiddelen inzet voor ‘huis- en tuingebruik’ als het ware tegen zichzelf beschermd wordt. De fabrikanten doen dat bijvoorbeeld met kant-en-klaar-verpakkingen zodat het doseren nog moeilijk mis kan lopen. Dat is geen overbodige luxe want een enquête van de Universiteit Gent bracht deze week nog aan het licht dat 15 procent van de gebruikers het etiket niet leest voor de juiste dosering.
Het overheidscertificaat voor professionele gebruikers van gewasbeschermingsmiddelen is nieuw in ons land maar in Nederland heeft men daar al bijna 20 jaar ervaring mee. Sedert 1 juli 1996 hebben onze Noorderburen een bewijs van vakbekwaamheid nodig voor het verkopen, in opslag hebben of toepassen van professionele gewasbeschermingsmiddelen. In Nederland is zo’n spuitlicentie vijf jaar geldig terwijl dat in ons land voor de fytolicentie een jaartje langer is. Net zoals bij ons het geval is na de overgangstermijn die deze maand eindigt, is het examen er verplichte kost en de cursus over gewasbescherming een warm aan te bevelen voorbereiding op dat examen. Met de invoering van het vakbekwaamheidsattest wou de Nederlandse wetgever de risico’s voor de gebruiker en de omgeving verminderen en de emissies naar het milieu beperken.
Meer info: www.fytolicentie.be
Beeld: Loonwerk Defour