Fouten tegen randvoorwaarden kosten 690.000 euro
nieuwsHet Agentschap voor Landbouw en Visserij vraagt landbouwers om aandacht te besteden aan de naleving van de randvoorwaarden om een verminderde uitbetaling van premies te vermijden. In 2009 was er voor het eerst een lichte stijging van het aantal tekortkomingen. In totaal kon het Agentschap hierdoor 690.000 euro niet uitbetalen op een totaal van 268.000.000 euro aan rechtstreekse steunbetalingen.
Het Agentschap voor Landbouw en Visserij informeert landbouwers met een persbericht over de resultaten van de controles op de naleving van de randvoorwaarden. In 2009, het vijfde jaar dat de randvoorwaarden van toepassing zijn, was er voor het eerst een lichte stijging van het aantal tekortkomingen. Het Agentschap vraagt de landbouwers daarom de nodige aandacht te besteden aan de naleving van de randvoorwaarden om op die manier een verminderde uitbetaling van premies te vermijden.
De randvoorwaarden zijn voorwaarden op het vlak van volksgezondheid, diergezondheid, gezondheid van planten, milieu, dierenwelzijn en het in goede landbouw- en milieuconditie houden van landbouwgrond. Wanneer een landbouwer, die steunbetalingen wil ontvangen, deze randvoorwaarden niet naleeft, zal het Agentschap de uitbetaling met een bepaald percentage verminderen. Die steunbetalingen kunnen rechtstreekse inkomenssteun zijn zoals de bedrijfstoeslag en de nog gekoppelde zoogkoeienpremie en slachtpremie voor kalveren, maar ook de steun voor agromilieuverbintenissen die de landbouwer heeft afgesloten.
Het toe te passen verlagingspercentage bedraagt volgens de Europese regels in principe 3 procent, maar het Agentschap kan afhankelijk van de ernst, de omvang en het permanent karakter van de niet-naleving, dit percentage verlagen tot 1 procent of verhogen tot 5 procent. Bij een kleine inbreuk is het mogelijk dat de landbouwer enkel een waarschuwing krijgt indien hij de niet-naleving rechtzet. Bij een herhaalde tekortkoming kan de vermindering van de rechtstreekse steun oplopen tot 15 procent. Bij een opzettelijke niet-naleving bedraagt het verminderingspercentage 15, 20 of 100 procent.
De controleagenten van de buitendiensten van het Agentschap voor Landbouw en Visserij voeren steekproefsgewijs een volledige controle op de randvoorwaarden uit op minimaal 1 procent van de landbouwbedrijven. Indien de Vlaamse Landmaatschappij, het Voedselagentschap, het Agentschap voor Natuur en Bos en het departement Leefmilieu in het kader van hun controles een niet-naleving van de randvoorwaarden vaststellen, melden zij dit aan het Agentschap.
Bij 1048 Vlaamse landbouwers heeft het Agentschap voor het kalenderjaar 2009 een vermindering op de uitbetaling van rechtstreekse steun toegepast omwille van het niet naleven van de randvoorwaarden. In totaal kon het Agentschap hierdoor 690.000 euro niet uitbetalen op een totaal van 268.000.000 euro aan rechtstreekse steunbetalingen. Bij 118 Vlaamse landbouwers heeft het Agentschap een bedrag van 9.400 euro voor PDPO II niet uitbetaald omwille van het niet naleven van randvoorwaarden.
De tekortkomingen in identificatie en registratie van dieren blijven verantwoordelijk voor het grootste deel van de vaststellingen. In 2009 was er zelfs voor het eerst opnieuw een lichte stijging in het aantal tekortkomingen. De meest voorkomende vaststelling bij het dierenwelzijn van varkens is het ontbreken van materiaal om mee te spelen bij alle in groep gehouden varkens.
Bij nogal wat landbouwers werden meerdere tekortkomingen vastgesteld bij de registratie van de inkomende en uitgaande producten op het landbouwbedrijf of waren er gebreken bij het bijhouden van het gewasbeschermingsmiddelenregister of het diergeneesmiddelenregister.
Wanneer gewasbeschermingsmiddelen niet of niet langer erkend zijn, mag de landbouwer ze niet langer gebruiken en moet hij ze apart plaatsen in het fytolokaal met het oog op de volgende ophaalronde van vervallen middelen.
De controleagenten noteerden tijdens veldbezoeken veel vaststellingen met betrekking tot het niet in goede landbouw- en milieuconditie houden van landbouwgronden. Het ging hier hoofdzakelijk over sterke veronkruiding van percelen of over de overvloedige aanwezigheid van distels.
Bij verschillende landbouwers die al gedurende meerdere jaren in bepaalde mate de instandhoudingsplicht van hun blijvend grasland niet vervullen, heeft het Agentschap een effectief verlagingspercentage toegepast. Alhoewel er hier een dalende trend is, bleken nog steeds een aantal landbouwers bij een controle niet over voldoende bodemstalen en analyseresultaten voor koolstofgehalte en zuurtegraad te beschikken.
Bron: eigen verslaggeving