Bio blijft een vraagmarkt die nieuwe producenten zoekt
nieuwsDankzij het project ‘Bio zoekt keten’ kunnen de vaak aangehaalde marktopportuniteiten voor biologische landbouwproducten blootgelegd worden. Paul Verbeke van BioForum Vlaanderen geeft op de website van de ketenorganisatie een brede kijk op de biomarkt. Door de internationaal toenemende vraag naar bio en de relatief beperkte toename van de productie ontstond er de voorbije jaren een groeiend tekort aan biologische producten. Dat is vooral zo bij biologische varkens, pitfruit en melk (zowel geiten- als koemelk). En zelfs al is er geen sprake van duidelijke tekorten, dan ogen de marktperspectieven voor de meeste biologische producten nog altijd goed.
Tussen 2013 en 2014 is de markt voor bioproducten in de Europese Unie met 6,1 procent gegroeid tot 23,4 miljard euro. Een groot deel van die omzet (7,91 miljard euro) werd gerealiseerd in Duitsland, gevolgd door Frankrijk (5 miljard euro) en het Verenigd Koninkrijk (2,63 miljard euro). Op basis van al beschikbare cijfers wordt ook in 2015 een verdere omzetgroei verwacht voor heel Europa. De vraag naar bio mag dan wel stijgen bij consumenten, de productie in Vlaanderen hinkt achterop. “De tekorten voor diverse biologische landbouwproducten bieden nochtans kansen voor omschakelaars”, aldus Paul Verbeke die het project ‘Bio zoekt keten’ uitvoert.
Op de website van ketenorganisatie BioForum Vlaanderen geeft hij een overzicht van de marktopportuniteiten. Terwijl er een overaanbod gangbare melk is, bestaat er binnen en buiten België vraag naar bijkomende leveranciers van biologische melk. Verbeke schat dat er voldoende vraag is voor een verdubbeling van de Belgische biologische melkplas. Hetzelfde verhaal voor biogeitenmelk, waarvan in Vlaanderen ongeveer vier miljoen kilo geproduceerd wordt terwijl verwerkers op zoek zijn naar het dubbele daarvan. Er zou in Vlaanderen plaats zijn voor vijf à tien nieuwe biologische melkgeitenbedrijven.
Terwijl er in Duitsland, Frankrijk en Denemarken telkens ongeveer 130.000 biologische vleesvarken gekweekt worden, blijft België als belangrijke varkensproducent achter op dit vlak. Hier worden niet meer dan 10.000 biologische vleesvarkens gehouden, voornamelijk in Wallonië. Door een toegenomen vraag van onder andere Duitse discounters is er al zo'n tweetal jaar een tekort op de Europese markt. Dat vertaalt zich in stijgende prijzen: tot 3,58 euro per kilo geslacht gewicht in Duitsland en tot 4 euro per kilo in Denemarken. Tegenover die (veel) hogere prijs dan de gangbare varkensprijsnotering staat wel een hogere kostprijs door duurder voeder en een hogere voederconversie. In eigen land zijn verschillende slachthuizen op zoek naar meer biologische vleesvarkens. Bij Vlaamse varkenshouders is er interesse in de omschakeling naar bio en sommigen zijn daar al mee begonnen. “In zo'n kleine markt is het een hele uitdaging om vraag en aanbod blijvend op elkaar af te stemmen”, weet Verbeke.
Een gelijkaardig verhaal in de biologische braadkippenhouderij, waar de productie kan uitbreiden door een stijgende vraag. Ook voor groenten en fruit zou er aan producentenzijde gerust meer interesse mogen bestaan in omschakeling naar bio. Enkele biologische pitfruittelers breiden hun areaal wel uit maar gangbare telers die omschakelen, zijn er nauwelijks. Volgens Verbeke kan het bio-areaal fruitteelt jaarlijks met zeven procent uitbreiden zonder de markt te verstoren. In de groentesector heb je enerzijds vraag naar meer biotelers vanwege diepvriesgroentenbedrijven als Ardo en Pinguin en anderzijds marktkansen voor verse groenten. Zo is een Belgische supermarktketen op zoek naar extra leveranciers van biologische bladgewassen. Biogroenten worden via de veilingen en via de korte keten afgezet.
Paul Verbeke vat samen: “De biologische markt is een kleine markt die onafgebroken en op een gezond ritme groeit. Omdat de productie onvoldoende de toegenomen vraag volgt, is er sprake van een tekort voor sommige producten en een gezond marktevenwicht voor andere producten. Dit biedt ongetwijfeld kansen voor landbouwondernemers die een omschakeling overwegen. Belangrijk hierbij is dat de omschakeling gebeurt in overleg met de betrokken coöperaties en beroepsorganisaties. Alleen zo kan men vraag en aanbod zo goed mogelijk op elkaar afstemmen.”
Bron: BioForum Vlaanderen