Agribusinessclub wordt bijgepraat over fruitteelt
nieuwsHet Proefcentrum Fruitteelt in Sint-Truiden was gastheer voor de jongste bijeenkomst van de Agribusinessclub. Directeur Dany Bylemans spijkerde de kennis over fruitteelt bij van een publiek dat bestond uit dienstverleners en toeleveranciers van de landbouw met elk hun eigen specialisatie. Typerend voor de Belgische fruitsector is de groei van de bedrijfsarealen, de switch van appel- naar perenteelt en de stroeve afzet sinds Rusland zijn grens hermetisch sloot voor Europees fruit. Dat was niet alleen een opdoffer voor onze exporttopper, de conference-peer. Ook de appelmarkt is daardoor ontwricht omdat de Polen 180.000 hectare appels moeten slijten, en Rusland een belangrijke klant voor hen was.
De leden van de Agribusinessclub verzamelden half september op het Proefcentrum Fruitteelt voor een spoedcursus fruit(onderzoek) en een eerste kennismaking met de wondere wereld van drones. Dany Bylemans, directeur van het proefcentrum, schetste het profiel van de Belgische fruitsector, of beter de Vlaamse fruitsector. Van al het fruit in ons land wordt namelijk 90 procent in Vlaanderen geteeld. Daarvan situeert zich, naargelang de fruitsoort, 50 tot 84 procent (kersen) in de provincie Limburg. Andere typische fruitstreken zijn het Hageland en het Waasland.
De twee grootste teelten qua oppervlakte zijn appel en peer. Met aardbei erbij heb je de volledige top drie in omzet. Het perenareaal is verdrievoudigd sinds midden jaren ’90, naar 9.000 hectare conference. Met het appelareaal gebeurde het tegenovergestelde, dat halveerde van 12 à 13.000 hectare naar 7.000 hectare nu. Bylemans zegt geen fruitteler te kennen die enkel appels teelt, en daar is een goede reden voor en die heet ‘Polen’.
Het Poolse appelareaal bedraagt zo maar eventjes 180.000 hectare. Ondertussen weten de Polen zeer goed hoe ze appels moeten telen en dat verwondert Bylemans niet. Hij zegt het niet met zoveel woorden, maar eigenlijk hebben wij Belgen dat aan onszelf te danken. Voorlichters uit onze contreien begeleiden de Poolse telers, boomkwekers uit Vlaanderen en Nederlanden leveren er het plantgoed en ieder jaar komen hier meer dan 30.000 seizoenarbeiders de stiel al doende leren.
Volgens de directeur van het proefcentrum is het maar een kwestie van tijd vooraleer de Roemenen en de Tsjechen ook geduchte concurrenten worden. Zij zijn zich aan het bekwamen in intensieve fruitteelt. Voor het Russische handelsembargo werd de concurrentie uit Oost-Europa niet zo hard gevoeld. Nu krijgt de Belgische fruitsector af te rekenen met Poolse appels op alle interessante afzetmarkten, zoals Scandinavië.
In de perenteelt hebben we het voordeel dat wij sterk zijn in een teelt die elders veel van zijn glans verloren heeft. In Frankrijk is de perenteelt sterk verminderd. Spanje en Italië boeren achteruit, wat Bylemans wijdt aan de klimaatverandering en bacterievuurdruk. “Bovendien teelt men daar zomerperen die moeilijk bewaren.” Ons paradepaardje bewaart daarentegen prima, negen maanden en langer ook nog als het moet, en is dus uitstekend geschikt voor export. Vorstschade is niet dodelijk voor de vruchtzetting, maar de entplaats van conference heeft er wel genoeg last van om wellicht nooit een Poolse peer te worden. Als je weet dat de Polen veel goedkoper appels kunnen telen, en dat kunstje met peer maar wat graag zouden nadoen, is dat de redding van de fruitteelt in onze contreien.
Ieder jaar worden er in de fruitstreek appelplantages gerooid om plaats te maken voor … Ja, voor wat eigenlijk? In de praktijk valt de keuze bijna altijd op peer. Kersenteelt flitst door het hoofd van veel fruittelers maar weinigen durven er aan beginnen. Dat heeft volgens Dany Bylemans twee oorzaken: het Little Cherry virus dat kersen klein en smakeloos maakt en Drosophila suzukii, de Aziatische fruitvlieg die in 2014 plots een probleem werd en inmiddels overal in Europa zachtfruit doorboort voor eileg en zodoende onverkoopbaar maakt. Beiden houden ze een doorbraak van kersenteelt in onze regio tegen. Met de andere randvoorwaarden zit het wel goed, zo is de technologie voorradig om kersen snel te koelen en beter te bewaren na de oogst (hydrokoeling) en ze te sorteren tot een homogeen product.
Twee jaar geleden is het Proefcentrum Fruitteelt uitgebreid met een Kenniscentrum Wijnbouw. “Vlaanderen telt nu 300 hectare wijnbouw en daar komen ieder jaar nog plantages bij”, weet Bylemans. Vooralsnog blijft het een kleine teelt zodat de “Chinese strategie” de beste aanpak lijkt in het onderzoek. “We kijken naar het onderzoek dat in grote wijnlanden gebeurt en checken vervolgens of de resultaten ook opgaan voor onze regio. Het wordt hier weliswaar warmer maar de lichtintensiteit en de periode van zonneschijn nemen niet toe. De teeltomstandigheden blijven dus verschillend.” De sector is vragende partij voor onderzoek, ook de ervaren rotten in het vak. “Zij zijn bezorgd dat de vele nieuwkomers steken laten vallen zodat hun wijnen afbreuk doen aan de goede reputatie van Belgische wijn.”
Volgens Bylemans worden er in Vlaanderen heel goede witte wijnen geproduceerd. Een uitstekende rode wijn maken, is hier een grotere uitdaging maar een aantal landgenoten lukt het reeds. Hij stelt vast dat een aantal kinderen van fruittelers hun geluk in de wijnbouw beproeven door een wijngaard van pakweg één hectare aan te leggen. Of zij zich allemaal aan het vinificatieproces zullen wagen, betwijfelt Bylemans, die gelooft dat dat ruimte creëert voor een coöperatie die de Limburgse druiven opkoopt en er wijn van maakt.
Uiteraard staat de directeur ook uitgebreid stil bij het onderzoek dat in Kerkom gebeurt. Veel tijd kruipt in rassenonderzoek. Er staan maar eventjes 150 verschillende appelrassen in de proefboomgaarden. Een variëteit die het elders goed doet, is daarom niet altijd geschikt voor onze bodem en het bijbehorende Belgische weertje. Daarom bespaart het Proefcentrum Fruitteelt telers de teleurstelling door zelf de proef op de som te nemen. In het rassenonderzoek is bewaring een belangrijk criterium. De lekkerste vruchten hebben soms als nadeel dat ze niet bewaren en bijgevolg ongeschikt zijn voor export.
Door het weerkerend fenomeen van hagelschade zijn steeds meer telers overtuigt van het nut en de noodzaak van een hagelnet. Daarop moet het proefcentrum aan de slag want een hagelnet neemt licht weg en dat beïnvloedt het gewas. Bepaalde appelrassen kunnen daar beter tegen dan andere. Pcfruit beproeft een hagelnet boven perenbomen, maar dat stelt naar lichtbehoefte van de teelt nog grotere problemen. In de praktijk ga je daarom geen hagelnetten op perenplantages zien.
Bylemans toont de leden van de Agribusinessclub de ‘boomgaard van de toekomst’. “Hier zullen alle nieuwigheden uitgetest worden. Er komt een hagelnet dat zich automatisch laat sluiten met behulp van een gsm, of volledig autonoom met een sensor. Zo krijgen de appel- en perenbomen voldoende licht en vermijd je dat bij peer het aantal bloembotten te sterk daalt.” Hoe groot de nood aan teeltbescherming is, wordt meteen duidelijk als je een blik werpt op de plantage aan de overkant. Die is volledig verhageld zodat de appels maar zeven eurocent per kilo zullen opbrengen.
Oogstbescherming is maar één van de vele uitdagingen voor de onderzoekers in Kerkom. Bylemans somt op waar zijn medewerkers nog zoal mee bezig zijn: geïntegreerde gewasbescherming en bestuivers, verwerking van de data uit het netwerk van weerstations en van de waarnemingen die fruittelers doen en doorspelen, de bewaarbaarheid adviseren rekening houdend met de minerale samenstelling van het fruit, determineren van gebreksziekten en plagen, monitoring in functie van de afbakening van een teeltgebied dat vrij is van bacterievuur, onderzoek naar de gezondheidseffecten van fruit, enz. In opdracht van pcfruit zijn teeltadviseurs op de baan die de wetenschappelijke kennis direct beschikbaar maken voor de praktijk.
Over de drones die boven pcfruit vliegen kunnen we nu al zeggen dat pcfruit daarvoor samenwerkt met ‘DronePort’, de nieuwe bestemming die de oude militaire luchtbasis van Brustem kreeg. De Agribusinessclub deed beroep op Peter Dedrij, business development manager van DronePort, om daarover meer te weten te komen. Zijn uiteenzetting komt eerstdaags aan bod op VILT.be.