Nood aan privé-investeringen in arme landbouwstaten
nieuwsGelijktijdig met landbouwbeurs ‘Grüne Woche’ vonden in Berlijn topontmoetingen plaats tussen tientallen landbouwministers, de Voedsel- en landbouworganisatie van de VN (FAO) en de OESO. Hun boodschap luidt: “Er is nood aan meer (en betere) privé-investeringen in landbouw, met name in ontwikkelingslanden die kampen met plattelandsarmoede en honger.”
Duitsland investeert elk jaar 700 miljoen euro in ontwikkelingslanden, meer specifiek in hun voedselzekerheid en plattelandsontwikkeling. “We moeten onze inspanningen concentreren op de landbouwers want zij kunnen zowel economisch als op het vlak van voedselzekerheid de grootste vooruitgang boeken”, zegt minister Aigner overtuigd. Zij vindt steun bij de OESO die het ook nodig acht om meer investeerders aan te trekken, onder meer met coherent overheidsbeleid.
FAO-topman da Silva dringt op zijn beurt aan op “meer en betere” investeringen in de landbouwsector van ontwikkelingslanden om zowel honger als armoede te bestrijden. Momenteel hebben 870 miljoen mensen onvoldoende toegang tot voedsel. De meeste hongerlijders leven op het platteland. Landbouwers moeten centraal staan in de nieuwe investeringspolitiek want zij zijn met voorsprong de grootste investeerders in hun sector.
In de schoot van het comité voor wereldwijde voedselzekerheid zullen overheden, maatschappelijke organisaties en bedrijven schrijven aan een handleiding voor ‘verantwoorde’ landbouwinvesteringen. Ook de OESO benadrukt dat landbouwinvesteringen ook kleinschalige landbouwers en de plaatselijke bevolking ten goede moeten komen. ‘Land grabbing’, waarbij de voordelen van de investering puur naar de buitenlandse overheid of investeerder gaan, is met andere woorden uit den boze.
Meer info: Private investment in the food and agriculture sectors