nieuws

Groen: "Milieukwaliteit van platteland is ondermaats"

nieuws
Groen-parlementslid Dirk Peeters grijpt een INBO-rapport aan om de slechte milieukwaliteit van ons platteland aan de kaak te stellen. Minister-president Kris Peeters leidt uit de aanbevelingen van het natuurrapport af dat er, hoewel reeds tal van instrumenten aanwezig zijn, toch nog verbeteringen nodig zijn aan het agrarisch natuurbeheer in Vlaanderen.
10 mei 2013  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:09

Groen-parlementslid Dirk Peeters grijpt een rapport van het het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) aan om de slechte milieukwaliteit van ons platteland aan de kaak te stellen. Minister-president Kris Peeters leidt uit de aanbevelingen van het natuurrapport af dat er, hoewel reeds tal van instrumenten aanwezig zijn, toch nog verbeteringen nodig zijn aan het agrarisch natuurbeheer in Vlaanderen.

In het Natuurrapport 2012 van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) zit een evaluatie vervat van het natuurbeleid in landbouwgebied. Naast erosiebestrijding wordt ingezoomd op het vogelbeheer in landbouwgebieden. Volgens Vlaams volksvertegenwoordiger Dirk Peeters bevestigt het rapport wat we al lang weten: met het vogelbestand op het platteland loopt het grondig mis. "De achteruitgang van weide- en akkervogels is blijkbaar niet meer te stuiten, ondanks de maatregelen in kerngebieden en in zoekzones op het platteland", leidt hij uit de resultaten af.

Er verdwijnt volgens Peeters ook botanische diversiteit op het platteland, terwijl insecten zoals vlinders en bijen het moeilijk hebben. "Deze signalen zijn veelzeggend en maken duidelijk dat de milieukwaliteit van het platteland er zeer slecht aan toe is. Nog een bewijs daarvan is dat bijen het vaak beter doen in een stedelijke omgeving dan op het platteland. Dat is verontrustend." Daarom wil het Groen-parlementslid van de Vlaamse minister-president, tevens bevoegd voor landbouw en platteland, weten welke conclusies hij uit de beleidsevaluatie trekt.

Kris Peeters ziet het als een uitdaging voor land- en tuinbouwers om de biodiversiteitsdoelstellingen te realiseren binnen de economische context van hun bedrijfsvoering. "Het beleid moet proberen de juiste instrumenten daarvoor aan te reiken zodat elk land- en tuinbouwbedrijf dat concreet kan realiseren." Vandaag zijn dat beheerovereenkomsten, een digitale praktijkgids Landbouw en Natuur, het project Draagvlakverbreding Landbouw en Milieu en de Werkgroep Agrarisch Natuurbeheer en Agrobiodiversiteit (AGNABIO) die de knelpunten omtrent gezamenlijke inspanningen voor agrarisch natuurbeheer en biodiversiteit aankaart.

De minister-president rekent op de diverse Vlaamse instanties die betrokken zijn bij het agrarisch natuurbeheer om hun krachten te bundelen en maximaal in te zetten op samenwerking. Verder laat hij weten dat de beleidsevaluatie door INBO mee in overweging genomen wordt bij de evaluatie en voorstellen tot verbetering van de bestaande beheerovereenkomsten. De werkgroep AGNABIO bekijkt ook of er nog bijkomende initiatieven moeten worden genomen, zoals een gebiedsgerichte en soortspecifieke aanpak.

Volksvertegenwoordiger Dirk Peeters hamert erop dat hij resultaten wil zien van de beheerovereenkomsten, "waar we intussen tien jaar ervaring mee hebben zonder dat we flinke stappen vooruit zetten". "Als landbouw dat op zich wil nemen, in de geest van een kwaliteitsverbetering van plattelands- en biodiversiteitsdoelstellingen, dan mag dat", alsnog Peeters.

Ook de minister-president ziet het als een uitdaging om biodiversiteit te stimuleren en bewaren, maar onderstreept tegelijk de economische context. "Met de instrumenten die we hebben, met de evaluatie en met de bijkomende elementen blijven we hard aan werken aan de milieu- en natuurkwaliteit van het platteland", belooft Kris Peeters.

Meer info: INBO-beleidsevaluatie natuurbeleid in landbouwgebied

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek