Aandacht voor Congolese veeboeren op Werelddierendag
nieuwsIn een eerste fase ligt de nadruk op de teelt van kleinvee, zoals cavias, konijnen, kippen en geiten. Dit zijn kleinschalige projecten, die met erg weinig middelen toch voor regelmatige voedselvoorziening en extra inkomsten zorgen, luidt het bij Dierenartsen zonder Grenzen. Tijdens de eerste fase zullen naar schatting 113.000 mensen geholpen worden. Na de eerste vier projectjaren moeten de veehouders netto 80 tot 160 procent meer inkomsten gegenereerd hebben. In een tweede fase zal meer aandacht besteed worden aan de grotere dieren, zoals runderen.
In Congo leeft 70 procent van de bevolking van de landbouw en de veeteelt, maar de vele oorlogsjaren hebben een dramatische weerslag gehad op het vee. Door de plunderingen is de totale veestapel drastisch uitgedund en zijn sterke rassen gestorven. In Noord-Kivu is het aantal runderen de voorbije vijftien jaar gedaald van 300.000 tot ongeveer 50.000 stuks. Van de varkens- en pluimveestapel blijven nauwelijks een paar duizenden dieren over.
Dierenartsen zonder Grenzen is actief sinds 1994. De organisatie telt ruim honderd medewerkers en verdeelt een budget van ruim zeven miljoen euro over projecten in acht Afrikaanse landen.(KS)
Meer informatie: Dierenartsen zonder Grenzen