nieuws

Convenant stoomt Unesco-dossier rond WOI-sites klaar

nieuws
In Nieuwpoort hebben 29 partners het convenant 'Het Erfgoed van de Eerste Wereldoorlog als Unesco Werelderfgoed' ondertekend. De participanten gaan samen binnen het kader van het akkoord een dossier klaarstomen om achttien WOI-sites tegen de zomer van 2018 als werelderfgoed te laten erkennen door Unesco. Ook landbouworganisaties Boerenbond en ABS ondertekenden het convenant en spreken luidop hun wens uit dat “de herinnering van het verleden de ontwikkeling van de toekomst niet remt”.
11 juni 2015  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:31
Lees meer over:

In Nieuwpoort hebben 29 partners het convenant 'Het Erfgoed van de Eerste Wereldoorlog als Unesco Werelderfgoed' ondertekend. De participanten gaan samen binnen het kader van het akkoord een dossier klaarstomen om achttien WOI-sites tegen de zomer van 2018 als werelderfgoed te laten erkennen door Unesco. Ook landbouworganisaties Boerenbond en ABS ondertekenden het convenant en spreken luidop hun wens uit dat “de herinnering van het verleden de ontwikkeling van de toekomst niet remt”.

29 betrokken partners, waaronder de betrokken gemeenten, de beheerders van de sites en Vlaamse instellingen en ook landbouworganisaties Boerenbond en ABS, ondertekenden in Nieuwpoort een convenant dat de basis moet vormen voor een aanvraag tot Unesco-erkenning. Hiermee engageren de partners zich om samen in dialoog te gaan en zo een groot draagvlak te creëren voor het dossier. "Het convenant wil de best mogelijk omstandigheden creëren om het nominatiedossier uit te werken, maar er gaat ook bijzondere aandacht uit naar de koppeling van het behoud van het erfgoed en de duurzame ontwikkeling van de regio", zei minister Bourgeois in het bezoekerscentrum Westfront aan de Nieuwpoortse Ganzepoot.

De partners gaan nu vooral samen zitten om de omliggende bufferzones rond de kernzones, dat zijn de sites zelf, concreet vorm te geven. Die fase zal tegen oktober afgerond zijn. Begin 2017 wordt het dossier dan ingediend. Als het tijdsschema wordt aangehouden, volgt de beslissing van het Werelderfgoedcomité in de zomer van 2018. De achttien geselecteerde sites omvatten vooral militaire begraafplaatsen, zoals Tyne Cot in Zonnebeke, de Duitse begraafplaats in Langemark en de Belgische militaire begraafplaats in Oeren, maar ook monumenten, zoals de Brooding Soldier in Langemark, het monument voor de vermisten in Nieuwpoort en Island of Ireland Peace Tower in Mesen. Wallonië selecteerde op zijn beurt zeven sites, Frankrijk zeventig, van aan de kust tot aan de Duits-Zwitserse grens.

Vanuit de landbouworganisaties klonk eenzelfde positief geluid. Boerenbond vindt het belangrijk dat de discussie zich nu focust op een selectie van beschermde militaire begraafplaatsen en monumenten voor de vermisten, de oorspronkelijke intentie om de hele frontlijn van Nieuwpoort tot Wervik te laten erkennen indachtig. “Boerenbond heeft zelf aangestuurd op het opstellen van een convenant, een samenwerkingsovereenkomst die het mogelijk moet maken dat de herinnering van het verleden de ontwikkeling van de toekomst niet remt”, aldus voorzitter Piet Vanthemsche. “Dit convenant zorgt voor duidelijke afspraken en voldoet daarom aan onze verwachtingen.”

ABS neemt zich voor de concrete invulling van bufferzones rond de geselecteerde relicten en in het bijzonder de clusters, nauw op te volgen “om de duurzame ontwikkeling van de regio te verzekeren”. “De vergunbaarheid en leefbaarheid van bedrijven en de vrijheid van teeltkeuze in bufferzones en zichtvelden zijn hierbij belangrijke aandachtspunten”, zo klinkt het. ABS gelooft in de aanpak van het Unesco-dossier via “doorgedreven overleg” met alle actoren op het terrein, waarbij ook effectief rekening wordt gehouden met “economische bedrijvigheid” in de landbouwsector en erbuiten.

Bron: eigen verslaggeving / Belga

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek