Westnijlvirus vastgesteld bij vogels en paard: wat betekent dit voor de landbouw?
nieuwsEen paard en enkele wilde vogels zijn besmet geraakt met het westnijlvirus. De virusziekte komt voor bij vogels en kan via muggen worden overgedragen op mensen en zoogdieren. het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) roept de landbouwsector op tot verscherpte waakzaamheid, maar benadrukt tegelijk dat er geen reden is voor algemene ongerustheid.
Het Westnijlvirus werd in België voor het eerst vastgesteld bij wilde kraaiachtigen in 2025. Afgelopen maanden is het virus ook aangetroffen bij wilde vogels in onder meer Gembloux, Schaarbeek en Kapellen. Begin augustus kwam daar voor het eerst een bevestigde besmetting van een paard bij. Het dier vertoonde ernstige neurologische symptomen en werd geëuthanaseerd.
Viruscirculatie
De vaststellingen tonen volgens het FAVV aan dat het virus in ons land volop circuleert. “Dat betekent dat tijdens het muggenseizoen, dat loopt van mei tot oktober, bijkomende besmettingen bij dieren mogelijk zijn.” Momenteel lopen nog analyses van nieuwe verdenkingen bij vogels en paarden.
Het virus is niet nieuw in Europa. Ook in buurlanden zoals Nederland, Frankrijk en Duitsland zijn al besmettingen vastgesteld. Het westnijlvirus wordt hoofdzakelijk in stand gehouden in een cyclus tussen vogels en muggen. Een besmette vogel kan een mug infecteren, waarna die mug het virus kan overdragen op andere dieren of mensen. “Voor de landbouw betekent dit in de eerste plaats een verhoogde waakzaamheid, vooral in sectoren waar dieren buiten worden gehouden en in contact kunnen komen met muggen”, aldus het FAVV.
Vooral paarden vatbaar
Voor de landbouw ligt het belangrijkste risico momenteel bij paardachtigen. “Paardachtigen, waaronder paarden en ezels, zijn de voornaamste landbouwdieren die ziekteverschijnselen kunnen ontwikkelen”, zegt het FAVV.
De meeste infecties verlopen zonder duidelijke symptomen. Volgens het agentschap blijft ongeveer 80 procent van de infecties asymptomatisch. Bij een klein deel van de besmette paarden kan de ziekte echter ernstig verlopen. Mogelijke symptomen zijn koorts, lusteloosheid en verminderde eetlust. In ernstige gevallen kunnen neurologische verschijnselen optreden, zoals evenwichtsproblemen, spiertrillingen, spierzwakte of verlamming.
Geen beperkingen voor landbouwbedrijven
De aanwezigheid van het virus leidt volgens FAVV momenteel niet tot algemene maatregelen voor de landbouwsector. “Een besmetting heeft momenteel geen gevolgen voor het transport, de handel of de export van landbouwdieren. Ook op internationaal vlak zijn er op dit moment geen handelsbeperkingen verbonden aan deze vaststelling.”
Ook voor een besmet paard worden geen specifieke beperkingen opgelegd. “Dat heeft te maken met de rol van het paard in de viruscyclus”, klinkt het. “Paarden en mensen zijn zogenaamde 'doodlopende gastheren': het virus kan zich in hen wel vermenigvuldigen, maar zij besmetten vervolgens geen muggen die het virus verder kunnen verspreiden.” Westnijlkoorts is wel een aangifteplichtige dierziekte. Een vermoeden bij een landbouwdier moet daarom onmiddellijk worden gemeld aan het FAVV.
Geen probleem voor pluimvee, vlees of eieren
Ook voor commerciële pluimveebedrijven is de impact voorlopig beperkt. Pluimvee kan met het virus besmet raken, maar wordt er volgens het FAVV vrijwel nooit ziek van. Belangrijk voor de sector is bovendien dat een besmetting geen voedselveiligheidsprobleem vormt. “Er is geen risico voor eieren of vlees.” Het virus wordt niet via eieren op mensen overgedragen en eieren van kippen die met het virus in contact zijn gekomen, kunnen zonder problemen worden geconsumeerd.
Muggen beperken blijft belangrijkste maatregel
Omdat muggen de schakel vormen tussen besmette vogels en andere gastheren, ligt een belangrijk deel van de preventie bij het beperken van de blootstelling aan muggen. Het FAVV adviseert voor paarden onder meer het gebruik van insectenwerende middelen, het vermijden van buitenactiviteiten wanneer muggen het actiefst zijn en het gebruik van beschermende dekens. Ook vaccinatie behoort tot de mogelijkheden. In België zijn momenteel twee vaccins beschikbaar die de kans op ernstige ziekte en neurologische symptomen aanzienlijk verminderen.
Bron: Eigen berichtgeving