Vredeseilanden en Colruyt halen Beninse rijst naar hier
nieuwsSinds maandag vinden consumenten duizenden pakjes Max Havelaar gelabelde rijst van twee boerenorganisaties uit Benin in de Colruyt, Okay en Spar supermarkten. Dat is het resultaat van een samenwerking tussen Vredeseilanden, Groep Colruyt en rijstimporteur Boost Nutrition. Samen ondersteunden ze de voorbije jaren rijstboeren in Benin om de kwaliteit van hun rijst te verbeteren en zo hun inkomen te verhogen.
Een eerste container van 24 ton rijst uit Benin kwam eind augustus toe bij Colruyt, binnenkort volgt een tweede lading van 12 ton. De Max Havelaar gelabelde rijst die in de Colruyt, Okay en Spar te koop wordt aangeboden, maakt minder dan één procent uit van de totale jaarproductie van de rijstboeren. Een deel van de oogst wordt door henzelf verbruikt. Een ander deel wordt verkocht op de lokale markten.
"Met die symbolische hoeveelheid proberen we de andere boeren uit de regio 'aan te steken'. Het is een manier om ze te overtuigen dat ze rijst van even hoge kwaliteit kunnen afleveren als de buitenlandse import uit Thailand, Japan of Vietnam", zegt Jef Colruyt, voorzitter van de gelijknamige groep. De niet aflatende toevloed aan importrijst bezorgde de lokale rijstboeren de jongste jaren immers rake klappen. Landen als Thailand en Vietnam subsidiëren hun rijst om van hun overschotten af te raken, terwijl Japan zijn rijst onder het mom van ontwikkelingshulp zelfs gratis dumpt in Benin.
De rijst uit Azië is niet alleen goedkoper, maar door beter ontwikkelde thuismarkten ook nog eens beter van kwaliteit. Daardoor werd de stijgende vraag in snel groeiende steden als Cotonou bijna volledig opgevangen door import. Zo komt slechts een derde van de rijst nog van eigen bodem, de rest wordt uit het buitenland gehaald.
"Wie toegang wil krijgen tot de markt, moet kwaliteit leveren en voor een constante bevoorrading zorgen', zegt Jef Colruyt daarop. "Zolang de boeren in Benin daar niet in slagen, blijft het aanmodderen. Niet alleen Colruyt zal dan geen zaken met hen willen doen, maar ook de grote binnenlandse spelers niet." Die vicieuze cirkel probeert het pilootproject van Vredeseilanden te doorbreken door de ontwikkeling van een moderne voedselketen, van producent tot consument.
Om de kwaliteit van de rijst te verbeteren en ze competitiever te maken tegenover de geïmporteerde Aziatische rijst, besloot Vredeseilanden de boeren van Benin te confronteren met de kwaliteitseisen van de Westerse consument. Die inzichten werden aangebracht door de inkopers van Colruyt en rijstimporteurs en -verwerkers als Boost Nutrition.
"Zo'n aanpak had al eerder zijn nut bewezen", vertelt Luuk Zonneveld, directeur van Vredeseilanden. "Door aan export te doen, bouwen boerencoöperatieven een netwerk uit en leren ze ook commercieel denken voor hun eigen markt. Van de andere kant worden door zo'n project ook de inkopers van Colruyt en rijstimporteur en -verwerker Boost geconfronteerd met de moeilijke realiteit van kleinschalige producenten in het Zuiden."
Eind 2006 werden twee medewerkers van het rijstproject uit Benin overgevlogen om stage te lopen bij Colruyt. Ze maakten in het hoofdkwartier in Halle kennis met de interne controlesystemen en zagen hoe distributie en marketing in hun werk gaan. Ook bij rijstimporteur en -verwerker Boost gingen ze langs. Met die kennis motiveerden ze de rijstboeren om de kwaliteit van hun rijst te verbeteren. Bovendien beslisten de boerenorganisaties om toe te werken naar FLO-certificering. "Die strikte criteria inzake sociale, economische en ecologische normen vormden een educatieve leidraad voor de boeren", zegt Zonneveld.
De rijst uit Benin wordt door Colruyt onder het label Fair Trade verkocht. "Colruyt ging in zee met het label omdat het voor de boeren in Benin een hefboom kan zijn voor hun ontwikkeling en een uitweg uit de armoede", zegt Jef Colruyt. "Voor ons is het commerciële aspect van de rijst nooit op de eerste plaats gekomen, maar wel het traject, het leerproces, dat op het ritme van de rijstproducenten verlopen is. Naarmate de boerenorganisaties sterker worden, zullen we de financiële steun geleidelijk aan verminderen en de middelen inzetten om nieuwe projecten en gemeenschappen sterker te maken."
Bron: eigen verslaggeving/De Tijd
Beeld: Jelle Goossens/Vredeseilanden