Schauvliege zet ruilverkaveling in fruitstreek stop
nieuwsEen week nadat de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) kon uitpakken met het succes van de vrijwillige ruilverkaveling in Dilsen-Stokkem moet zij minder prettig nieuws melden omtrent de ruilverkaveling in Wellen-Hoepertingen. De herverkaveling van percelen verliep erg moeizaam in het hart van de fruitstreek in Zuid-Limburg. Lokaal was er weinig draagvlak aangezien het minder vanzelfsprekend is om appel- en perenboomgaarden te ruilen dan akkers met eenjarige gewassen. Bovendien vreesden fruittelers dat het recreatieve aspect zou overheersen. Minister van Landbouw Joke Schauvliege trekt op verzoek van VLM en de coördinatiecommissie de stekker uit de ruilverkaveling. Een nazorgtraject van vijf jaar moet VLM toelaten zijn grondreserve van ongeveer 80 hectare op een ordentelijke manier af te stoten. In de fruitstreek zijn geen nieuwe ruilverkavelingen in onderzoek.
Een eerste onderzoek naar het nut van een ruilverkaveling op het grondgebied van de Zuid-Limburgse gemeenten Wellen en Borgloon werd eind jaren ’90 stilgelegd. In 2010 was er lokaal draagvlak voor het opnieuw opstarten van het onderzoek. De perimeter van de ruilverkaveling werd vanwege de weerstand uit de fruitsector verkleind tot Wellen en Hoepertingen, een deelgemeente van Borgloon. Maar een aantal belanghebbenden, voornamelijk fruittelers met percelen in het ruilverkavelingsplan, bleven zich vragen stellen bij de haalbaarheid van de ruilverkaveling. De dorpsbewoners konden zich bovendien niet vinden in een aantal recreatieve maatregelen.
In mei 2014 beslisten de coördinatiecommissie en de Vlaamse Landmaatschappij om de minister te verzoeken het onderzoek naar het nut van de ruilverkaveling vervroegd stop te zetten. Vorige maand heeft Vlaams minister van Landbouw Joke Schauvliege daartoe besloten en keurde ze een nazorgtraject goed dat door de verschillende partners was uitgewerkt. Met alternatieve instrumenten wil men toch een kleine bijdrage leveren aan een verbetering van de agrarische structuur in de regio. De komende jaren zijn nog beperkte ruiloperaties mogelijk, in functie van de vooropgestelde doelstellingen en op voorwaarde dat VLM met zijn grondenbank betrokken partij is.
De voorbije twee decennia heeft VLM ongeveer 80 hectare verworven met het oog op de uitvoering van de ruilverkaveling Wellen-Hoepertingen. Deze grondreserve zal zo veel mogelijk teruggaan naar de oorspronkelijke kopers en pachters. De overige percelen zullen bijdragen aan de agrarische structuur (kavelvergroting) en enkele maatregelen voor algemeen nut, zoals goedgekeurd door de minister. Dat verloopt in meerdere fases. Eerst krijgen de vroegere kandidaat-kopers de kans om het perceel alsnog te kopen. Zij visten de eerste keer achter het net omdat VLM zijn recht van voorkoop uitoefende. Pachters behouden hun recht van voorkoop. Voor het merendeel van de percelen uit de grondreserve zijn fruittelers en andere landbouwers de logische nieuwe eigenaar. Een aantal percelen hebben potentieel algemeen nut zodat voor een koper in de eerste plaats gekeken wordt naar openbare besturen, vzw’s of lokale verenigingen. De resterende percelen uit de grondreserve zullen in een laatste fase verkocht worden via een openbare verkoop.
In een schriftelijk antwoord op een vraag van Vlaams parlementslid An Christiaens (CD&V) verduidelijkt minister Joke Schauvliege dat er geen nieuwe ruilverkavelingen meer komen in de fruitstreek. De ruilverkaveling in Jesseren – opgestart in 2004 – wordt de laatste plek waar boeren 1.825 hectare percelen moeten ruilen. Volgens Christiaens is de wet op de ruilverkaveling geen goed instrument voor het ruilen van fruitplantages. De politica wijst er op dat een akkerbouwer elk jaar van teelt wisselt terwijl het in de fruitteelt jaren wachten is op een eerste goede oogst. Een plantage kan decennialang in productie blijven. Het is dus veel complexer om een fruitteler een gelijkwaardig perceel in ruil te geven. Bovendien heeft het in de loop van de procedure niet veel zin om een oude plantage te vernieuwen of een nieuwe aan te planten. Dat weegt uiteraard op de inkomsten van fruittelers, al biedt de lange looptijd van een ruilverkaveling kansen om een ‘wachttijd’ te overbruggen tussen de stopgezette plantage en de volle opbrengst van de nieuwe plantage.
Zulke praktische bezwaren hebben het finaal gewonnen van de economische opportuniteit om de kleine en versnipperde fruitplantages in Wellen-Hoepertingen samen te voegen tot grotere en meer rendabele gehelen. Een berekening van de landbouweconomische baten had nochtans uitgewezen dat het herverkavelen van fruitpercelen rendabel is voor de kleinste percelen én voor de ontsluiting van percelen.
Bron: eigen verslaggeving / De Standaard