Oost-Vlaanderen blijft sierteeltprovincie bij uitstek
nieuwsDe provincie Oost-Vlaanderen neemt 43 procent van de sierteeltproductie van het land voor zijn rekening. Van het Vlaamse areaal sierteelt situeert zich 50 procent in deze provincie, van het areaal boomkwekerij 38 procent. Zo goed als alle azalea’s en bloembollen en -knollen worden hier geteeld. In de sector zijn 436 bedrijven actief die werk leveren aan ruim 3.000 personen, goed voor 40 procent van de Vlaamse tewerkstelling in de sierteelt. De Oost-Vlaamse productiewaarde wordt op 205 miljoen euro geraamd, op een totaal van 502 miljoen euro voor de sierteelt in Vlaanderen. Dat komen we allemaal te weten in de jongste socio-economische situatieschets van de provincie.
Oost-Vlaanderen staat al van oudsher bekend om zijn sierteeltbedrijven. Vooral in de 19e eeuw ontwikkelde de sierteelt zich in de provincie. Siertelers vestigden zich vooral in het arrondissement Gent voor bloementeelt, kasplanten, azalea’s en knolbegonia’s. Voor de boomkwekerij vonden de ontwikkelingen plaats rond Wetteren.
Van het totale sierteeltareaal in Vlaanderen (5.738 ha) situeert zich 2.301 hectare (43%) in Oost-Vlaanderen. In de provincie nemen boomkwekerijen, vooral in de streek rond Wetteren, 1.721 hectare in. De rest van de oppervlakte (581,8 hectare) is bestemd voor de teelt van bloemen en andere niet-eetbare planten. Hiervan is 238 hectare serreteelt en 344 hectare sierteelt in openlucht en nemen azalea’s (251 ha) het grootste deel van de oppervlakte in.
Niet minder dan 98 procent van alle Belgische azalea’s wordt in Oost-Vlaanderen geteeld, net als 95 procent van het nationale areaal bloembollen en -knollen, waaronder knolbegonia. Beide specialisaties zijn vooral geconcentreerd in het arrondissement Gent. De Gentse azalea is erkend als beschermde geografische aanduiding (BGA). Vijf jaar na de Gentse azalea verwierf ook de Vlaamse laurier de erkenning van Europa. Tot het teeltgebied van de Vlaamse laurier behoren naast de West-Vlaamse arrondissementen Roeselare, Tielt en Brugge ook de Oost-Vlaamse arrondissementen Eeklo en Gent.
In 2014 telde de Oost-Vlaamse sierteeltsector 436 bedrijven, ongeveer evenveel boomkwekerijen als sierteeltbedrijven. "Zoals algeheel wordt vastgesteld in de landbouwsector neemt ook het aantal bedrijven in de sierteelt en de boomkwekerij af en doet er zich een schaalvergroting voor", klinkt het. Het merendeel van de sier- en boomtelers in serres heeft een bedrijfsgrootte tussen de 0,5 en 5 hectare. Voor de boomkwekerij in openlucht heeft de meerderheid van de Oost-Vlaamse bedrijven een oppervlakte van 5 à 7 hectare. Er zijn 21 bedrijven met een areaal groter dan 50 hectare.
De sector levert nog werk aan ruim 3.000 personen, seizoenarbeid inbegrepen, goed voor 40 procent van de Vlaamse tewerkstelling in die sector. Van het totale aantal werkt 20 procent in familiaal verband. Hiertoe behoren 307 bedrijfshoofden, 176 echtgenotes of echtgenoten en 131 andere familieleden. Het merendeel zijn dus niet-familiale arbeidskrachten. De Oost-Vlaamse productiewaarde wordt op 205 miljoen euro geraamd, wat neerkomt op 41 procent op een totaal van 502 miljoen euro voor de Vlaamse sierteelt. De totale productiewaarde is gelijk verdeeld over boomkwekerij en sierteelt. De Belgische sierteelt kent een positief handelssaldo, merkt de provincie nog op, “mede dankzij het vakmanschap van de hardwerkende Oost-Vlaamse sierteler en boomkweker die zich dagelijks inzet om kwalitatieve producten op de markt te brengen”.
De achttiende socio-economische situatieschets van de provincie Oost-Vlaanderen staat vol met cijfers, niet alleen over sierteelt. Zo werd vorig jaar een recordaantal van 11.000 start-ups geteld, ligt het aantal falingen het laagst sinds 2006-2007, stelt de sociale economie ondertussen 5.500 voltijdse arbeidskrachten tewerk en is de gezondheidssector met meer dan 100.000 personeelsleden de grootste werkgever. Naar aanleiding van de Floraliën in Gent wordt de sierteelt eruit gelicht in deze publicatie.
Meer info: provincie Oost-Vlaanderen