nieuws

Limburg helpt innovatie in landbouw doorgang vinden

nieuws
Land- en tuinbouwers hebben goede, vaak bijzonder innovatieve, ideeën maar bij de realisatie ervan duiken er obstakels op. Soms ontbreekt het simpelweg aan de centen, maar net daar heeft de provincie Limburg een oplossing voor. Met de innovatie-award voor land- en tuinbouw maakt de provincie de realisatie van creatieve ideeën financieel mogelijk. Voor de uitvoering van de vijf beste projectvoorstellen is namelijk 25.000 euro weggelegd. “Om competitief te blijven, zoekt de sector voortdurend creatieve oplossingen voor nieuwe uitdagingen. Zulke innovaties groeien het best vanuit de landbouwpraktijk”, spreekt gedeputeerde Inge Moors haar vertrouwen uit in de vernieuwingskracht van landbouw.
17 november 2014  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:18

Land- en tuinbouwers hebben goede, vaak bijzonder innovatieve, ideeën maar bij de realisatie ervan duiken er obstakels op. Soms ontbreekt het simpelweg aan de centen, maar net daar heeft de provincie Limburg een oplossing voor. Met de innovatie-award voor land- en tuinbouw maakt de provincie de realisatie van creatieve ideeën financieel mogelijk. Voor de uitvoering van de vijf beste projectvoorstellen is namelijk 25.000 euro weggelegd. “Om competitief te blijven, zoekt de sector voortdurend creatieve oplossingen voor nieuwe uitdagingen. Zulke innovaties groeien het best vanuit de landbouwpraktijk”, spreekt gedeputeerde Inge Moors haar vertrouwen uit in de vernieuwingskracht van landbouw.

Om de creatieve ondernemersgeest in de landbouw en op het platteland te stimuleren, zet de provincie Limburg een innovatiewedstrijd op poten. “Met de innovatie-award land- en tuinbouw richten we ons voor de vijfde keer op het initiëren en realiseren van vernieuwende land- en tuinbouwconcepten die een economische meerwaarde hebben voor de sector”, zegt gedeputeerde van Landbouw en Platteland Inge Moors. Innovatie is volgens Moors de sleutel van de economie zodat ze de zin om te vernieuwen in de land- en tuinbouwsector graag levendig houdt. Een financiële impuls van vijfmaal 5.000 euro voor evenveel innovatieve ideeën moet daartoe bijdragen. “Te weinig financiële middelen wordt namelijk een struikelblok voor innovatie genoemd, naast onzeker marktprijzen, tijdsgebrek en wetgeving.” Deze editie worden niet drie maar vijf winnaars geselecteerd zodat de provincie in totaal 25.000 euro in de vernieuwing van de sector investeert.

Voor de vijfde editie van de wedstrijd wordt vooral uitgekeken naar innovatieve ideeën omtrent de verwerking en afzet van land- en tuinbouwproducten. De Russische handelsboycot heeft immers duidelijk gemaakt hoe kwetsbaar de sector is op het vlak van afzet. “Alles wat aansluit op het thema verwerking en vermarkting geniet de voorkeur, maar ook andere projecten met een uitmuntend innovatief karakter kunnen meedingen naar de innovatie-award. We zijn op zoek naar concepten die als rolmodel kunnen fungeren voor de sector”, verduidelijkt de gedeputeerde. In de jury die de projecten zal beoordelen, zetelt een experte op het vlak van voedselverwerking. Katleen Coudijzer geeft leiding aan de Food Pilot, dat is het applicatiecentrum van ILVO en Flanders Food waar agrovoedingsbedrijven producten of productieprocessen kunnen uittesten op een semi-industriële schaal. Zij geeft innoverende boeren de raad om met ideeën te komen die goed scoren qua duurzaamheid, zoals oplossingen voor voedselverliezen of voor de grote volumes fruit en vlees die niet naar Rusland kunnen.

Samen met de andere juryleden zal zij ideeën beoordelen op basis van hun innovatief en origineel karakter, hun impact en relevantie voor de Limburgse land- en tuinbouw, de haalbaarheid van het project en tot slot ook op de kwaliteit en duurzaamheid ervan. Barbara Gaethofs van het Innovatiesteunpunt Limburg belooft op zoek te gaan naar de ideeën met het meeste potentieel. “Soms bestaat de innovatieve oplossing voor een probleem al in andere sectoren en moet het enkel vertaald worden naar een landbouwbedrijfsvoering”, weet Gaethofs, die innovatie bondig omschrijft als “een goed idee ten gelde brengen”. Over het muurtje durven kijken, kan dus een goede voedingsbodem zijn voor innovatie. Inspiratie opdoen binnen en buiten je eigen sector, daar begint het bij. Dat vindt ook Koen Symons van het Innovatiesteunpunt voor land- en tuinbouw. Hij hoopt op projectvoorstellen die inspirerend zijn voor andere bedrijven, goed doordacht zijn, afgetoetst werden met derden en bovenal creatief zijn.

Voor Luc Van Bellegem van promotieorgaan VLAM staat buiten kijf dat de winnende ideeën marktpotentieel moeten hebben. “Anders dan onze noorderburen zijn Vlamingen vooral goed in het produceren, maar soms minder goed in het aan de man brengen van de vruchten van hun werk”, schudt Van Bellegem iedereen wakker. Hij wijst erop dat VLAM bedrijven kan helpen in het aftasten van de marktkansen voor een product. In de groente- en fruitteelt nemen de veilingen de vermarkting ter harte. Boeren staan dus niet alleen voor de enorme uitdaging die afzet is.

De Nederlandse innovatiespecialiste Jolanda Heistek herkende veel van haar ervaringen in de wijsheden van de jury. Heistek begeleidt al jaren vooruitstrevende strategisch projecten in de land- en tuinbouw in Nederland. Uit haar getuigenis onthouden we vooral dat er extra toegevoegde waarde kan gecreëerd worden door in te spelen op de grondstoffenvraag van ‘nieuwe’ afnemers zoals de farmacie. Jurylid Koen Vanheukelom, vertegenwoordiger van de Provinciale Landbouwkamer, plaatste eerder wel een kritische noot door op te merken dat de boer beter zou moeten worden van die nieuwe samenwerkingen. Anders heeft het geen zin.

Volgens Heistek zijn win-winsituaties zeker mogelijk en ze geeft het voorbeeld van het Duitse farmabedrijf Boehringer Ingelheim. De farmareus verving import van in open lucht geteeld vingerhoedskruid door lokale bevoorrading vanuit glastuinbouwbedrijven. Onder glas is de teelt precies te sturen. Zo weet het bedrijf zich verzekerd van een homogene grondstof. Op het eerste gezicht is lokale teelt onder glas duurder, doch Heistek weet dit rendabel te rekenen voor het farmabedrijf in kwestie. "De verwerkingskosten zijn een kwart lager doordat de plantjes uit de serre 25 procent meer nuttige stoffen bevatten", vertelt ze. "Bovendien kan er frequenter geoogst worden onder glas zodat Boehringer Ingelheim veel minder geld uitgeeft aan stockage. Ook stemt de kwaliteit meer tevreden want in eigen land worden er bij de teelt minder of geen gewasbeschermingsmiddelen gebruikt." Een lokaal geteeld land- of tuinbouwproduct kan dus meer waard zijn voor een afnemer dan je in eerste instantie zou vermoeden.

Meer info: projectvoorstel Limburgse innovatie-award

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek