duiding

Jan Verhagen - Wageningen Universiteit

duiding
"Klimaatverandering biedt boeren kansen"
2 januari 2009  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:52
Lees meer over:
Tegen het einde van de eeuw dreigt een opwarming van het klimaat met 1,1 tot mogelijk zelfs 6,4 graden Celcius. De concrete gevolgen voor onze landbouw en de maatregelen die zich opdringen? In Vlaanderen halen de meeste onderzoekers de schouders op wanneer je dat soort vragen stelt. Nieuwsgierig trokken we naar Wageningen Universiteit voor een gesprek met Jan Verhagen, dé expert op het kruispunt tussen klimaat en landbouw bij onze noorderburen.

Bestaat er in Nederland veel academische belangstelling voor het onderzoek naar de klimaatverandering?
Jan Verhagen: Alleen al in Wageningen zijn diverse consortia actief. Zowel de universitaire als onderzoeksinstellingen worden hier gegroepeerd binnen het Climate Change and Biosphere Research Center, dat tegelijk als een soort van expertisecentrum fungeert. Alles samen gaat het op deze site om een honderdtal mensen die eerder van dicht dan van ver betrokken zijn bij klimaatonderzoek. Er zijn uiteraard ook mensen actief met deelaspecten van de klimaatverandering. Zo houdt iemand zich bijvoorbeeld specifiek bezig met zoutwaterlandbouw.

Euh…zoutwaterlandbouw?
Al eeuwenlang zakt het grondpeil, vooral in het westen van Nederland. Anderzijds stijgt de zeespiegel als gevolg van de klimaatverandering. Daardoor krijgen de rivieren met hun zoet water een steeds grotere tegendruk van het zoute zeewater, vooral in droge periodes dreigen problemen. In gebieden zoals Zeeland, Groningen en Friesland is nu al sprake van een zekere verzilting. Het probleem is momenteel nog beheersbaar, maar de vraag is of dat ook in de toekomst zo blijft. Alleen al naar dat onderzoeksproject gaat 15 miljoen euro. Zoutwaterlandbouw is overigens een thema dat sowieso interessant is om te bestuderen. Alleen wordt het door het wijzigende klimaat allemaal wat dringender. Als we naar de mogelijke oplossingen kijken, is technisch heel wat mogelijk. Maar ze moeten natuurlijk ook maatschappelijk gedragen worden: willen we de hele tijd tegen huizenhoge dijken aankijken?

Klimaatverandering is duidelijk een onderwerp dat men in Nederland niet zomaar van tafel veegt?
Dat klopt. Nogal wat opbrengsten uit de aardgaswinning worden sinds enkele jaren naar het klimaatonderzoek gesluisd. Dan gaat het over budgetten van ettelijke tientallen miljoenen euro’s. Die worden besteed aan studies over het klimaatsysteem op zich, maar het gaat ook over mitigatie en adaptatie. Mitigatie heeft te maken met de acties die ingezet worden om broeikasgassen te verminderen, terwijl adaptatie focust op de gevolgen van de klimaatverandering en manieren om daar mee om te gaan. Door die subsidies gaan universiteiten steeds nauwer samenwerken, in conglomeraat met het bedrijfsleven. Bijvoorbeeld verzekeringsmaatschappijen, wegenbouwers en serreconstructeurs worden erbij betrokken. Moeten de kassen van de toekomst op vaste grond staan of drijven? Moeten ze energie produceren en kunnen we dan ook nog iets verkopen? Dat soort vragen houdt de onderzoekers bezig. De kabinetten van Balkenende hebben het milieu- en energiethema de voorbije jaren wel wat naar de achtergrond gedrukt. Anderzijds is mede daardoor duidelijk geworden dat de klimaatverandering ook economische kansen biedt. Vroeger gingen onze tuinders naar Spanje. Misschien wordt het straks interessanter om naar Centraal- of Oost-Europa te trekken. Sommigen zijn intussen al doorgevlogen naar Kenia om daar bloemen te telen. Met onze hoogproductieve landbouwmethoden en knowhow liggen de kansen op heel veel plaatsen voor het grijpen. En in eigen land kunnen we blauwe diensten leveren door de inrichting van overstromingsgebieden, terwijl ook de bio-energie in opmars is.

Bedoelt u dat de klimaatverandering meer kansen dan bedreigingen biedt?
Versta me niet verkeerd: voor veel ontwikkelingslanden in Afrika, Azië en Latijns-Amerika dreigt de klimaatverandering uit te draaien op een ware catastrofe. Omdat het daar de spreekwoordelijke druppel kan zijn bovenop de miserie die ze er nu al kennen.

Zelf bent u al tien jaar bezig rond klimaatverandering. Heeft u al een duidelijk zicht op de gevolgen voor de Nederlandse landbouw?
Als je me vraagt hoe de agrarische sector straks zal evolueren, is mijn antwoord eenvoudig: de samenleving zal nog verder verstedelijken en de landbouw die overblijft, krijgt grotendeels een hightech karakter. Sectoren zullen zich sterk concentreren in bepaalde gebieden, de kennisintensivering zal zich doorzetten. Voor mensen die graag een boterhammetje eten op het platteland, kan de landbouw in bepaalde gebieden zoals Drenthe ook nog wel iets doen. Maar als het over echte productielandbouw gaat, spreek je over topsport. Afhankelijk van de handelsliberalisering en het landbouwbeleid kunnen zich dan diverse scenario’s ontwikkelen. Verder is stikstof voor de melkveehouderij een belangrijke factor, dan is er ook nog de mestwetgeving…

Dat is best interessant, maar de vraag ging eigenlijk over de klimaatverandering…
Met het voorgaande wil ik gewoon benadrukken dat de economische dynamiek in de landbouwsector veel sneller functioneert dan die van de klimaatverandering. De boer overleeft nog steeds omdat de sector zich voortdurend weet aan te passen. In dit deel van Europa hebben we zoveel kennis, geld en infrastructuur dat we best wel kunnen omgaan met een wijziging van het klimaat. De voorbije vijftig jaar is de temperatuur met 0,6 graden gestegen. Wat is hiervan de bijdrage geweest in de dramatische evolutie die de landbouw sindsdien heeft doorgemaakt? De productiviteit is toegenomen, maar die is bijna volledig toe te schrijven aan beter management en gesofisticeerde technologie. We hebben in die periode wel een verschrikkelijke overstromingsramp gekend in Nederland. Daar gaat het om. Maar voor de rest moeten we een gemiddelde temperatuurstijging van twee à drie graden zeker niet dramatiseren. Die kan integendeel zelfs leiden tot een productietoename. Als gletsjer of koraalrif ben je in dat geval natuurlijk wel de klos. Die responsieve systemen kunnen zich niet voorbereiden op veranderingen. Als je een eilandstaatje bent dat net boven de zeespiegel uitsteekt, ziet het er evenmin goed uit. Maar de agrarische sector kan heel snel reageren op economische prikkels. Kijk naar wat gebeurt in de tuinbouw. Dat kan je nauwelijks bijbenen als onderzoeksinstituut.

Er stellen zich dus helemaal geen problemen voor de landbouw?
Dat nu ook weer niet. Veel hangt ervan af hoeveel misoogsten we ons economisch kunnen veroorloven. Want er zullen meer droogteperiodes en stortbuien komen. Misschien krijgen we gigantisch natte najaren, met problemen voor de veldwerkzaamheden tot gevolg. In Nederland zijn verzekeringsmechanismen in werking gesteld voor waterschade. Hoe lang zal dat duren als er zich meerdere jaren na elkaar calamiteiten voordoen? Dat blijft allemaal heel moeilijk om in te schatten, en daarom blijft het verschrikkelijk interessant om het wetenschappelijk onderzoek aan de gang te houden. Maar als de veranderingen zich geleidelijk voordoen, zie ik eerlijk gezegd weinig problemen. Ook al kunnen warmere winters fruitbomen te vroeg activeren, te weinig vorst is niet goed voor de bodemstructuur, stormen kunnen het graan platwalsen en allicht zullen we stallen in de zomerperiode beter moeten ventileren. Over de relatie tussen de klimaatverandering en de komst van nieuwe ziektes en plagen hebben we nog maar weinig kaas gegeten. Anderzijds staat vast dat het de mens is die met zijn moderne transportmiddelen beter dan wie of wat dan ook ziektekiemen verspreidt. Een cruciale vraag is of die ziektes en plagen hier door hogere temperaturen straks zullen standhouden en explosief groeien, eenmaal de mens ze onbedoeld geïntroduceerd heeft. Denk aan het blauwtongverhaal. Maar als je dan weer het globale plaatje bekijkt…

Dan…?
Het Middellandse Zeegebied verdroogt. Sommige kassen in Zuid-Europa moeten nu al gekoeld worden, en zoals je weet is koelen veel complexer dan verwarmen. Daar kan onze land- en tuinbouw voordeel uit putten. De een zijn dood is de ander zijn brood. Als het klimaat in de toekomst bij ons wat tegenvalt, is de kans groot dat het elders nog veel erger is. En een slecht jaar in de landbouw kan economisch een uistekend jaar zijn. Vraag dat maar eens aan aardappelboeren. Anderzijds moet ik vaststellen dat er op Europees vlak veel te weinig coördinatie bestaat. Waar gaat de EU investeren als straks blijkt dat de productie in Zuid-Europa daalt? Dat moet voor mijn part niet in het verstedelijkte Nederland zijn, maar in enkele van de nieuwe lidstaten liggen ongetwijfeld grote ontwikkelingskansen. In het Europese landbouwbeleid zouden de gevolgen van de klimaatverandering ingebakken moeten zitten.

Alles bij elkaar klinkt u erg positief over de gevolgen van de klimaatverandering voor de Nederlandse landbouw. In Vlaanderen hebben we de gewoonte om eerst te kijken naar de potentiële bedreigingen.
Schei toch uit, man. Dat moeten we hier niet. Had je dan een dramatisch verhaal verwacht? Als het hier ooit faliekant afloopt met onze dijken, komen we wel met z’n allen wel naar België. Afgesproken?

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek