nieuws

Eén Vlaamse landbouwer op vier runt een kleiner bedrijf

nieuws
Bijna 26.000 Vlaamse boeren bewerkten 613.860 hectare in 2011. De zogenaamde 'hobbybedrijven' - 7.137 veelal deeltijdse landbouwers met een standaardopbrengst van minder dan 25.000 euro - bewerken ongeveer 49.500 hectare. Het leeuwendeel van het areaal is dus in handen van 'professionelen', zo blijkt uit het antwoord van de minister-president op een vraag van Open Vld'er Karlos Callens.
9 april 2013  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:21
Lees meer over:

Bijna 26.000 Vlaamse boeren bewerkten 613.860 hectare in 2011. De zogenaamde 'hobbybedrijven' - 7.137 veelal deeltijdse landbouwers met een standaardopbrengst van minder dan 25.000 euro - bewerken ongeveer 49.500 hectare. Het leeuwendeel van het areaal is dus in handen van 'professionelen', zo blijkt uit het antwoord van de minister-president op een vraag van Open Vld'er Karlos Callens.

Eerder dit jaar raakte bekend dat Nederland bijna 20.000 'hobbyboeren' telt. Dat werd toen gedefinieerd als bedrijven met minder dan 25.000 euro standaardopbrengst. Zij maken 29 procent uit van alle land- en tuinbouwbedrijven in Nederland. Het antwoord van minister-president Kris Peeters op een schriftelijke vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Karlos Callens leert dat het aandeel 'hobbybedrijven' in Vlaanderen bijna even groot is.

Wanneer het onderscheid gemaakt wordt bij een standaardopbrengst van 25.000 euro, dan moeten 7.137 Vlaamse landbouwers beschouwd worden als 'hobbyboer'. Dat is 27,5 procent van de 25.982 land- en tuinbouwbedrijven die in 2011 actief waren. Hun aantal is zo hoog door de deeltijdse boeren en tuinders die een neveninkomen realiseren uit een landbouwactiviteit. De term 'hobbybedrijf' of 'hobbyboer' is dus enigszins misleidend en mag niet eng geïnterpreteerd worden.

De professionele land- en tuinbouwbedrijven zijn met 18.845. Op basis van de gegevens van de Landbouwtelling 2011 bewerken zij samen meer dan 564.312 hectare. "In Vlaanderen noemen we deze groep 'bedrijven met een beroepsmatig karakter'. Zij hebben samen 92 procent van de totale Vlaamse cultuuroppervlakte, 98 procent van de totale standaard output en 98 procent van de veestapel. Slechts 11 procent van deze bedrijven wordt deeltijds gerund, tegenover bijna twee derde van de hobbybedrijven", verklaart Jonathan Platteau van het Departement Landbouw en Visserij.

Het Farm Accountancy Data Network, een Europees instrument dat het landbouwinkomen evalueert, bestempelt bedrijven die onder de grens van 25.000 euro standaardopbrengst vallen als kleinere bedrijven voor ons land. "Dat is ook zo in Luxemburg, Nederland, Frankrijk, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk. In de andere Europese lidstaten gelden lagere ondergrenzen", weet Platteau.  

Beeld: Nick Breugelmans

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek