Camiel Adriaens - ABS
duidingIn de aanloop naar de verkiezingen nam het ABS deel aan debatavonden waar ook een hele sliert Open VLD-coryfeeën – de premier incluis – de revue passeerden. Mogen we daaruit afleiden dat u zeer sterk aanleunt bij de liberalen?
Camiel Adriaens: Je maakt allusie op een bijeenkomst in Diksmuide, die georganiseerd werd door de lokale afdeling van Open VLD. Bij de oprichting telde ABS vooral liberalen en aanhangers van de Volksunie in zijn rangen. Maar vandaag hebben we zeker ook een pak leden van christendemocratische strekking. Onze aangesloten landbouwers stemmen eigenlijk voor alle partijen, behalve voor de groenen.
Heeft u de indruk dat de aanhang van het Vlaams Belang onder landbouwers toeneemt?
Dat is moeilijk in te schatten, maar in die partij zijn wel een aantal mensen actief die zich proberen in te werken in de landbouwmaterie. Uit de parlementaire interpellaties blijkt in elk geval dat ze met kennis van zaken spreken. Op zich is dat een goede zaak, want zonder aan partijpolitiek te doen, ijvert het ABS er wel voor dat zoveel mogelijk politici zich op zijn minst informeren over de agrarische sector. Dat bevordert de kwaliteit van de politieke besluitvorming. Bovendien is het in ons land voor één enkele partij onmogelijk om de absolute meerderheid te behalen, en dus is het belangrijk dat we onze boodschap bij meerdere politieke families kwijt kunnen. Bij verkiezingen moeten onze leden dan maar op een serene manier kiezen voor wie ze stemmen. In de laatste weken voor de kiesverrichting komt geen enkele politicus meer aan bod in ons ledenblad, wat onze onafhankelijke positie goed illustreert.
Moet u anderzijds niet gewoon toegeven dat CD&V de belangen van de landbouwsector veruit het meest genegen is?
Ook in andere partijen zijn politici actief die de landbouwdossiers heel goed opvolgen. Maar het is waar dat de christendemocraten hun lesje uit het verleden heel goed geleerd hebben. Jarenlang hebben ze onafgebroken de landbouwminister geleverd, waardoor de band met de agrarische sector te veel een vanzelfsprekendheid werd en verwaterde. Sinds we een aantal ministers van andere strekkingen gehad hebben, zijn ze bij CD&V weer helemaal wakker, en dat valt toe te juichen.
Enkele weken geleden raakte bekend dat een Franse boer een gerechtszaak heeft aangespannen tegen composteerder Compofert. In dit dossier heeft u met scherp geschoten naar onder meer de ministers Peeters en Leterme omdat ze niet alert genoeg reageerden.
Wallonië heeft enkele jaren geleden zijn grenzen voor de Vlaamse mest al gesloten, en het ergste wat ons kan overkomen is dat de Fransen dat ook doen. Bij de gedupeerde boeren in de champagnestreek zie je heel duidelijk dat de vruchten afgestorven zijn op de plaatsen waar de compost uitgespreid werd. Het fenomeen heeft zich trouwens twee jaar op rij voorgedaan. Ik heb ook het gissen naar hetgeen is fout gegaan bij Compofert, maar het staat vast dat moederbedrijf Aveve de problemen veel eerder had moeten melden aan Boerenbond. En minister Peeters had ook veel korter op de bal moeten spelen van zodra hij wist dat er een juridisch proces in de pijplijn zat. Ik stel vast dat Leterme wél accuraat gereageerd heeft nadat we het dossier in ons ledenblad aankaartten. Die kordate aanpak bij dreigende problemen is gelukkig het handelsmerk van de minister-president. De Fransen hebben alvast beloofd dat ze onze bodemverbeteraars verder blijven afnemen. Op voorwaarde dat de producten goed gecontroleerd worden, en zelf gaan onze zuiderburen ook controles uitvoeren.
Het ABS heeft de jongste jaren meermaals het Vlaams landbouwbeleid op applaus onthaald. Maak eens een tussentijdse evaluatie.
Het verschil met de vorige legislatuur is immens. Toen kregen we op korte tijd drie groene landbouwministers en werden onze standpunten gewoonweg in het belachelijke getrokken. Leterme heeft nog een pak lijken uit de kast zien donderen, en dan is het logisch dat je niet alle problemen in één handomdraai kan oplossen. Maar het minste dat je kan zeggen, is dat de minister-president een boontje heeft voor de agrarische sector. Hij heeft de landbouw weer opgewaardeerd bij de publieke opinie. De boeren en tuinders hadden eerder al grote inspanningen geleverd om tegemoet te komen aan de eisen die de maatschappij stelt, maar we hadden nood aan een figuur zoals Leterme om die boodschap op een geloofwaardige manier uit te dragen bij de publieke opinie. Zijn grootste verdienste is misschien wel geweest dat hij goed kan luisteren, ook naar mensen die niet a priori tot zijn strekking behoren. Er zijn maar weinig politici die dat doen.
Heeft het ABS naar aanleiding van de verkiezingen een memorandum opgesteld?
We gebruiken geen dure woorden, maar we hebben wel wat ideeën op papier gezet. Onze politici moeten het belang van de totale agro-industrie beter leren inschatten. Er zijn in ons land nog altijd 50.000 landbouwbedrijven en het aantal mensen dat tewerkgesteld is in de voedselketen is een veelvoud van dat cijfer. Het komt er op aan dat onze beleidmakers bij de pinken zijn om voor deze sector projecten met Europese cofinanciering binnen te rijven, onder meer op het vlak van onderzoek en innovatie. Op het niveau van de primaire productie moeten we niet verwachten dat Europa de komende jaren meer landbouwsubsidies gaat uitkeren. Maar nu de productiesteun verdwenen is, kunnen we de bedrijfstoeslag perfect verantwoorden ten aanzien van de belastingbetalers, consumenten en derde landen, inclusief de WTO. We zijn er zeker geen voorstander van dat deze middelen van de eerste pijler overgeheveld worden naar het plattelandsbeleid.
Is administratieve vereenvoudiging niet langer een strijdpunt?
Toch wel, maar we moeten ook toegeven dat de politici op dit vlak belangrijke vooruitgang geboekt hebben. De eenmalige perceelsregistratie zal een fameuze verbetering zijn en vanaf volgend jaar gaat de meitelling verdwijnen. Van Quickenborne moet er nu ook nog voor zorgen dat de aanvraag voor milieuvergunningen versoepeld wordt. Nu moet je een dossier nog bij dertien instanties aanmelden, echt kafkaiaans is dat.
Hoe zien jullie de Vlaamse land- en tuinbouw in grote lijnen evolueren?
Bedrijven die kiezen voor schaalvergroting moeten maximale groeikansen krijgen. Daarnaast is een groep bedrijven met verbrede activiteiten ontstaan. Deze bedrijfsleiders moeten doorgaans over een flinke portie commercieel talent beschikken, maar anderzijds zorgt dit bedrijfstype voor een stabiele financiële basis. De derde categorie is de groeiende groep bijberoepers. Die mensen mag het beleid ook niet in de kou laten staan. En dat geldt allerminst voor jongeren die in de boerenstiel willen stappen. Samen met het kabinet-Leterme zijn we in het kader van het jongerenactieplan bezig om het hele systeem van de productierechten en de toegang tot het landbouwberoep te herbekijken. Dat is een goeie zaak, want het ABS wil in de eerste plaats de vakorganisatie zijn die de belangen verdedigt van jonge mensen die het allemaal nog moeten waarmaken.
Hebben we straks nog wel een federale landbouwminister nodig?
Sabine Laruelle doet hard haar best, maar voor mijn part mag haar landbouwportefeuille meteen geschrapt worden. De Vlaamse en Waalse landbouwministers kunnen beter samen ons land vertegenwoordigen op de Europese ministerraden.
Verkiest u een weersverzekering boven het rampenfonds?
Zeker en vast. Zowel de plantaardige als de dierlijke sector is de weg opgegaan van de specialisatie, waardoor de kwetsbaarheid voor weersinvloeden sterk is toegenomen. We koesteren zeker niet de illusie dat de overheid alle schade zal blijven vergoeden. Het budget dat nu uitgekeerd wordt door het rampenfonds, kan beter gebruikt worden om de helft van een speciale weersverzekering te financieren waarop boeren kunnen intekenen. Daardoor zullen getroffen landbouwers niet langer afhankelijk zijn van politieke goodwill en hoeft de terugbetaling van de geleden schade geen anderhalf jaar te duren. Over de precieze modaliteiten voor zo’n verzekering moeten de landbouworganisaties de komende maanden nog tot een consensus komen, maar ik verwacht niet dat dit problemen zal opleveren.
De voorbije jaren heeft u sterk gepleit voor energiegewassen. Gaan ze de Vlaamse landbouw redden?
Daar ben ik meer dan ooit van overtuigd. Voor de landbouwers komt het er immers op aan om overschotten in te dijken, want die bepalen de macht van de verwerkende industrie. Dit jaar hebben Vlaamse boeren voor het eerst massaal contracten getekend voor de teelt van energiemaïs, in totaal gaat het om zeshonderd hectare. Er wordt ook tarwe gezaaid voor de productie van bio-ethanol. Hoe groter het areaal voor energiegewassen, hoe kleiner de teeltoppervlakte en dus ook het aanbod van andere gewassen. Het gevolg is dat de contractprijzen voor aardappelen al met één frank per kilo gestegen zijn. Dit mechanisme is betrouwbaarder dan eender welk landbouwbeleid. Op het bedrijf van mijn zoon persen we een ton koolzaad per uur, dag en nacht. De olie gaat naar fabrieken, bussen en er zijn ook meer en meer verwarmingsinstallaties die op koolzaadolie draaien. De voederkoeken verkopen we aan veevoederbedrijven…
Daarnaast bent u ook voorzitter van Eco Flanders.
Dat klopt. In het begin hebben we zwarte sneeuw gezien vanwege technische problemen met onze mobiele mestverwerkingsinstallatie. Sinds we resoluut de kaart trokken van de biomethanisatie hebben we de wind volop in de zeilen. Er staan momenteel vijftien vergistingsinstallaties in de steigers en er is een overeenkomst getekend met het Nederlandse energiebedrijf Eneco. Daarnaast hebben we ook de coöperatie Terra Sana opgericht. Die zorgt voor de maïscontracten en voor de commercialisering van de gedroogde mestkorrels die uit de installatie komen. Dat is de ideale meststof voor de wijnranken in de Franse champagnestreek. Uniek aan biomethanisatie is dat het effluent zonder problemen kan geloosd worden, ook al bestaat de helft van de inputstromen in zo’n installatie uit mest.
Meer dan ooit verzetten buurtcomités zich hardnekkig tegen vergisting en mestverwerking?
De overheid zou een sluitende reglementering moeten maken. Door de jongste omzendbrief van Peeters en Van Mechelen is er meer duidelijkheid gekomen over de vestiging van installaties in landbouwgebied, maar toch. Vaak zijn het in zo’n wijkcomité minder dan een handvol individuen die alle buurtbewoners opjutten. Als je tijdens een informatievergadering de nodige uitleg verschaft, laat het merendeel meteen zijn bezwaren vallen. Bart Staes staat honderd procent achter het procédé van biomethanisatie, maar blijkbaar is zijn achterban nog niet helemaal overtuigd. Want ik heb de indruk dat de aanstokers in actiecomités meestal in groene middens te zoeken zijn. En dat terwijl we bezig zijn met de productie van groene energie en het wegwerken van mestoverschotten.
Hoelang blijft Camiel Adriaens nog aan het hoofd van het ABS?
Eind volgend jaar ben ik 65, en dan bepalen de statuten dat ik ermee moet stoppen. Maar ik ben ook nog voorzitter van het Nationaal Agrarisch Centrum, de vormingstak van het ABS. Ik ga me zeker blijven inzetten voor de vorming van jonge landbouwers en ook het lobbywerk ga ik nog niet meteen laten vallen. Daarvoor doe ik het nog altijd te graag.