Bedrijfsverzorgers maken boerenstiel sociaal draaglijk
nieuwsEen 70-tal bedrijfsverzorgers die werken in opdracht van agro|bedrijfshulp hebben onze Vlaamse boeren en tuinders het afgelopen jaar bijgestaan. Vooral bij ziekte doet een landbouwer beroep op agro|bedrijfshulp maar onder impuls van de (meewerkende) echtgenote wordt er tegenwoordig ook om bijstand gevraagd zodat boer en boerin met een gerust hart op verlof kunnen. De 80.412 door bedrijfsverzorgers gepresteerde uren in 2014 bewijzen dat de boerenstiel te veel van een mens zou vergen indien er geen helpende hand zou klaarstaan in noodgevallen of op piekmomenten. “Vrijdagochtend belde een melkveehouder die geveld werd door de griep”, illustreert werkplanner Tom Govaerts dat de noodzaak zich soms plots kan aandienen. De boer in kwestie weet zijn bedrijf in goede handen want agro|bedrijfshulp beschikt over gediplomeerde melkers.
Terwijl Vlaanderen geteisterd wordt door een griepepidemie en vele werknemers thuis uitzieken, zijn er landbouwers die tegen beter weten in uit hun ziekbed klimmen om de varkens eten te geven of de koeien te melken. Een bedrijfsleider is kwetsbaar op dat vlak. Agro|bedrijfshulp wil professionele ondersteuning bieden aan land- en tuinbouwers die door ziekte, ongeval of familiale omstandigheden niet in staat zijn hun normale arbeidsactiviteiten uit te voeren. Zo komt de normale werking van het bedrijf niet in gevaar.
Zeer ervaren bedrijfsverzorgers kunnen de werkzaamheden tijdelijk overnemen. Zeven dagen op zeven en praktisch dag en nacht zijn er een 80-tal bedrijfsverzorgers over heel Vlaanderen paraat om landbouwers uit de nood te helpen. “De werking van agro|bedrijfshulp kan je eigenlijk het best zien als een verzekering”, vertelt stafmedewerker Pieter Vinck. “Een landbouwer die zich aansluit, kan bij ziekte of ongeval haast onmiddellijk een beroep doen op een professionele bedrijfsverzorger die hem uit de nood komt helpen, en dat aan een voordelig tarief.”
Voor sociale hulp wordt slechts 13 euro per uur aangerekend, wat erg weinig is voor een professional die meteen inzetbaar is. Een verplaatsingsvergoeding doet daar een klein schepje bij, maar dat is best begrijpelijk als je weet dat een bedrijfsverzorger soms tientallen kilometers moet rijden en op een melkveebedrijf al om zes uur in de ochtend aan de slag moet om ’s avonds nog eens terug te keren voor een tweede shift. Niet ‘verzekerde’ landbouwers betalen 23 euro per uur. Dat is ook het tarief voor een helpende hand bij een hoge werkdruk. Het lidgeld bedraagt 332 euro, of 462 euro voor wie het weekend mee wil verzekeren. “Dankzij subsidies van de Vlaamse overheid en de vijf provincies krijgen we het financiële plaatje rond”, aldus Vinck.
Het aantal landbouwbedrijven in Vlaanderen daalt ieder jaar, wat automatisch een rem zet op het aantal bedrijven dat beroep doet op agro|bedrijfshulp. “In de wetenschap dat agro|bedrijfshulp uniek is op de arbeidsmarkt – en zich met een veilige verzekering onderscheidt van concurrentie uit het grijze circuit – zijn er ongeveer 3.000 landbouwbedrijven verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid. Gemiddeld een 800-tal doen effectief beroep op ons. In 2014 werd op 650 bedrijven sociale hulp geboden. 307 bedrijfsleiders deden beroep op een professionele stand-in zodat ze zelf konden genieten van een welverdiende vakantie. De meeste uren (22.677) sociale en andere hulp worden gepresteerd op melkveebedrijven.”
Van de 80.412 uren die de bedrijfsverzorgers in 2014 gepresteerd hebben, waren er 45.956 uren omwille van ziekte, ongeval of verlof (sociale hulp). Spijtig genoeg waren er ook 2.879 uren hulp nodig omdat de bedrijfsleider of meewerkende partner overleed. In zo’n geval is de bedrijfsverzorger dagelijks, tot 1.500 uren op jaarbasis, in de weer. Gemiddeld wordt er per bedrijf 71 uren sociale hulp geboden.
Steeds vaker is er een helpende hand nodig op piekmomenten of voor gespecialiseerde werkzaamheden zoals klauwverzorging bij rundvee. Agro|bedrijfshulp registreerde 34.457 uren niet-sociale hulp voor 2014. Werkplanner Tom Govaerts vermoedt dat de schaalvergroting in de landbouw de vraag naar snel inzetbare tijdelijke medewerkers nog zal doen toenemen. “Op veel bedrijven worden vader en moeder een dagje ouder en zal hun hulp in de toekomst wegvallen”, ziet hij nog een andere reden voor een stijgende trend die zich aankondigt.
De pers werd vrijdag niet alleen vanwege de jaarresultaten samengeroepen op de Thomas More Hogeschool in Geel. De aanleiding was ook dat agro|bedrijfshulp al voor de tiende keer een melkcursus organiseerde in samenwerking met de hogeschool en het Kempisch Vormingcentrum voor Land- en Tuinbouw (KVLT). Bedrijfsverzorgers volgen de cursus omdat het hen in staat stelt om ook zonder een korte initiatie door de boer met eender welke melkinstallatie uit de voeten te kunnen. Indien het overlijden van de bedrijfsleider de reden is voor de hulpvraag kan het gebeuren dat een bedrijfsverzorger zich op een melkveebedrijf moet weten te redden zonder een woordje uitleg.
Dat lijkt de jongelui die de cursus net voltooiden en zich nu gediplomeerd melker mogen noemen niet af te schrikken. “Ondertussen zijn we bijna allemaal reeds een half jaar aan de slag, voornamelijk op melkvee- en varkensbedrijven. Tijdens deze cursus hebben we ons verder kunnen verdiepen in de verschillende melksystemen. Er is ons zelfs geleerd wat we moeten doen bij de meest voorkomende pannes zodat we die – net zoals de boer zou doen – zelf kunnen oplossen.”
Lesgever Koen Lommelen van Melkcontrolecentrum (MCC) Vlaanderen spreekt zelf van een erg uitgebreide cursus, waarbij hij in zijn lessen focuste op de werkwijze van elk melksysteem en de implicaties die fouten tijdens het melken kunnen hebben op de melkkwaliteit. Sinds kort wordt er met de medewerking van fabrikanten voor gezorgd dat de cursisten ook overweg kunnen met de software van een melkrobot. Het melken zelf leren ze bij vijf ‘stagebedrijven’ in de omgeving van de hogeschool.
Bedrijfsverzorgers houden hun kennis actueel door opleidingen te volgen en stages te doen. Agro|bedrijfshulp leidt ook voortdurend nieuwe mensen op want voor veel jonge mensen is de job van bedrijfsverzorger een eerste ervaring op de arbeidsmarkt of een opstapje naar een overname van het landbouwbedrijf van de ouders. “Neemt niet weg dat er ook veertigers en vijftigers zijn onder de bedrijfsverzorgers. Ook hun achtergrond is erg divers, van ex-landbouwers tot de wat oudere boer die wil bijklussen omdat investeren in het landbouwbedrijf op zijn leeftijd niet meer loont”, vertelt Tom Govaerts, die eraan toevoegt dat er wekelijks sollicitaties zijn voor wat ongetwijfeld een boeiende en gevarieerde job is.