Nederland misnoegd over besluiteloosheid inzake ggo's
nieuwsOnze noorderburen stellen vast dat positieve adviezen van het EFSA niet altijd door lidstaten overgenomen worden. Sommige landen blokkeren de invoer van producten, zelfs nadat binnen de Europese Unie als geheel een toelating werd verleend. Een ander probleem is dat de EU momenteel een nultolerantie hanteert voor de invoer van niet-toegelaten gemodificeerde bestanddelen in diervoeder. Omdat de toelating van nieuwe gemodificeerde gewassen in de exportlanden veel sneller gebeurt dan in de EU, dreigt de Europese veehouderij steeds meer verstoken te blijven van overzeese maïs en soja. In een rapport waarschuwde het directoraat-generaal Landbouw van de Europese Commissie onlangs voor dramatische gevolgen op economisch vlak.
De voorbije dagen heeft de Commissie beslist om het dossier van twee nieuwe ggo-maïssoorten BT11 en 1507 van Pioneer uit te stellen tot januari. Na een positief advies van de Europese Voedselautoriteit EFSA leken de meeste commissarissen bereid het licht op groen te zetten, maar eurocommissaris voor Milieu Stavros Dimas roept het voorzorgsprincipe in. Hij vreest dat de maïssoorten giftig kunnen zijn voor sommige vlindersoorten, een bedreiging kunnen vormen voor andere insecten en de kwaliteit van de grond kunnen ondermijnen.
Verburg wijst erop dat Nederland in 2001 een breed maatschappelijk debat georganiseerd heeft over landbouw en biotechnologie. Daaruit bleek dat Nederlanders niet afwijzend staan tegenover genetisch gemodificeerde gewassen indien aangetoond is dat ze niet schadelijk zijn voor mens en milieu. In Vlaanderen gaat slechts drie op de tien akkoord met de stelling dat landbouwers goedgekeurde ggo-gewassen mogen uitzaaien.(KS)