nieuws

135 mestverwerkingsbedrijven operationeel

nieuws
Op een jaar tijd is het aantal operationele mestverwerkingsbedrijven in Vlaanderen met twintig procent toegenomen, van 112 naar 135. Bovendien worden er nog eens negentig verwerkingsinstallaties gepland. Dat blijkt uit de jaarlijkse enquête van het Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking (VCM). Meer dan zestig procent van de mestverwerkingsbedrijven ligt in West-Vlaanderen. Op dit moment wordt in Vlaanderen 16,3 miljoen kg stikstof uit dierlijke mest verwerkt.
10 december 2007  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 14:40
Op een jaar tijd is het aantal operationele mestverwerkingsbedrijven in Vlaanderen gestegen van 112 naar 135. Bovendien worden er nog eens negentig verwerkingsinstallaties gepland. Dat blijkt maandag uit de jaarlijkse enquête van het Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking (VCM), die Belga kon inkijken. Meer dan 60 procent van de mestverwerkingsbedrijven ligt in West-Vlaanderen.

Op het moment van de enquête, eind juni, verwerkten de 135 operationele bedrijven 16,3 miljoen kg stikstof uit dierlijke mest en 10,5 miljoen kg fosfaat. Ruim 12 miljoen kg stikstof werd gerealiseerd door export en verwerking van pluimveemest en bijna 4 miljoen kg stikstof via verwerking van varkensmest, aldus VCM. In vergelijking met de vorige enquête steeg de mestverwerkingscapaciteit met ruim 2 miljoen kg stikstof.

West-Vlaanderen telt 86 mestverwerkingsinstallaties, Antwerpen 24 en Oost-Vlaanderen zestien. In Limburg zijn er acht en in Vlaams-Brabant één. De helft van de bestaande installaties zijn vaste installaties in agrarisch gebied. Dertien installaties zijn gevestigd op een industrieterrein. Op 54 landbouwbedrijven wordt gewerkt met een mobiele installatie, waarbij installaties van het ene bedrijf naar het andere getransporteerd worden om er gedurende een bepaalde periode mest te verwerken.

De negentig geplande installaties zitten in verschillende fases van uitvoering, gaande van "in opbouw" over "vergund" tot "in voorbereiding". Als al deze installaties gerealiseerd worden, kan de capaciteit tegen eind 2008 toenemen tot bijna 24 miljoen kg stikstof, zo stelt VCM. Het Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking wijst erop dat de meeste installaties die vergund worden, er ook effectief komen.

Het verkrijgen van de nodige vergunningen verloopt soms moeizamer, omdat er vaak buurtprotest rijst tegen de inplanting van een mestverwerkingsinstallatie. In hoeverre de toenemende capaciteit tegemoet komt aan het mestoverschot na de inwerkingtreding van het nieuwe mestdecreet, is nog niet duidelijk. De Mestbank publiceert daarover binnenkort cijfers.

Het mestdecreet is in ieder geval een van de redenen van de groei van de mestverwerkingscapaciteit. Sinds vorig jaar is er een toename van het aantal operationele mestverwerkingsprojecten en 2007 zal "hoogstwaarschijnlijk het jaar worden waarin de meeste installaties gerealiseerd worden".

Tot eind juni waren in elk geval al meer projecten operationeel dan in heel 2006. "In het nieuwe mestdecreet is Vlaanderen volledig afgebakend als kwetsbaar gebied. Dat betekent dat het mestoverschot groter wordt. Bovendien kunnen veehouders na bewezen mestverwerking terug uitbreiden", legt VCM uit. De organisatie lanceert eerstdaags ook haar vernieuwde website.

De meest toegepaste mestverwerkingstechnieken zijn de biologieën en de mobiele systemen. Deze verwijderen de stikstof uit de dunne fractie van varkensmest. In absolute cijfers wordt de meeste stikstof verwerkt door biothermische droging van de dikke fractie van varkensmest samen met pluimveemest. Mest is verwerkt wanneer het eindproduct niet op Vlaamse landbouwgrond terechtkomt. Dat kan door uitvoer, behandeling tot een exportwaardig eindproduct, afzetting op niet-landbouwgrond of omzetting in onschadelijke substantie.(GL)

Meer informatie: VCM-enquête (pdf)

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek