Vogelgriep breidt uit, België voert ophokplicht in
nieuwsFederaal minister voor Landbouw Borsus legt alle professionele pluimveehouders in België een ophokplicht op. Dat doet hij op aanraden van het federaal Voedselagentschap, nadat vrijdag in Nederland een derde geval van besmetting is vastgesteld. Gevreesd wordt dat wilde vogels verantwoordelijk zijn voor de verspreiding van het virus, iets wat door Natuurpunt in twijfel wordt getrokken. In Duitsland is nog dit weekend een besmette wilde vogel afkomstig uit Azië neergeschoten. Het is de eerste keer dat het virus H5N8 in Europa wordt vastgesteld bij een dier dat geen nutsdier is.
De vogel werd bewust neergeschoten als voorzorgsmaatregel tegen het virus. Dat gebeurde nochtans buiten het risicogebied, in de Duitse deelstaat Mecklenburg-voor-Pommeren. De Duitse minister van Landbouw Christian Schmidt roept alle deelstaten op om voorzorgen te treffen. Eerder deze week werd al beslist dat pluimveehouders uit het district Eemsland en het graafschap Bentheim hun dieren moeten ophokken of in andere overdekte ruimtes moeten houden, uit vrees voor besmetting door wilde vogels.
Intussen werd in het Nederlandse Kamperveen nog op twee bedrijven vogelgriep vastgesteld, een kippen- en eendenfokkerij. In het eerste bedrijf bleek het te gaan om de zeer besmettelijke variant H5N8, die eerder al opdook in Ter Aar (Zuid-Holland) en Hekendorp (Utrecht). Om welke variant van het virus het op het eendenbedrijf gaat, is nog niet duidelijk. Alle 10.000 kippen en 15.000 eenden werden afgemaakt, een bedrijf dat binnen een kilometer van de getroffen boerderijen ligt werd voor de zekerheid eveneens leeggemaakt, en 32 andere pluimveebedrijven in de omgeving werden onderzocht. De uitkomsten van dat onderzoek zijn nog niet bekend.
Uit voorzorg werden ook 8.000 eenden geruimd in Barneveld, omdat het bedrijf bezocht werd door een vrachtwagen die eerder op het besmette eendenbedrijf uit Kamperveen halt had gehouden. Ze bleken evenwel niet besmet te zijn geweest. Barneveld ligt midden op de Veluwe en dat is het hart van de Nederlandse pluimveebranche. “We wilden dan ook geen enkel risico nemen, want als het virus zich naar de Veluwe verspreidt is de schade niet te overzien”, stelt Gert-Jan Oplaat, voorzitter van de Nederlandse Vakbond Pluimveehouders (NVP). Zes bedrijven in Nederland werden inmiddels geruimd.
Het is nog niet bekend of de besmette bedrijven contact hebben gehad met de boerderij in Hekendorp, waar het eerste geval van vogelgriep zich voordeed. "Maar het is hier een zeer waterrijke omgeving, dus misschien hebben andere vogels er ook iets mee te maken", aldus burgemeester Bort Koelewijn van Kampen en het Nederlandse Voedselagentschap NVWA.
Omdat het virus zich zo snel verspreidt in Nederland en omwille van de vrees dat wilde vogels daarbij een rol spelen, gebood minister Borsus alle professionele pluimveehouders in ons land hun pluimvee op te hokken en raadde hij niet-professionele pluimveehouders aan hetzelfde te doen. Die ophokplicht gold al voor pluimveebedrijven in gebieden met grote aantallen wilde vogels, en bestaat eruit dat pluimvee op stal moet worden gehouden of dat hun buitenbeloop moet worden afgeschermd met netten.
“Het betreft hier voorzorgsmaatregelen aanbevolen door het FAVV”, stelt Borsus. “Ik wil benadrukken dat er nog geen geval van vogelgriep is aangetroffen in België en wil de consument geruststellen dat er geen risico verbonden is aan het consumeren van gevogelte of andere pluimveeproducten.” De pluimveesector was zelf vragende partij voor extra maatregelen. Dat zegt Wouter Wytynck van Boerenbond. De laatste keer dat tot een ophokplicht werd overgegaan, was in 2005 en 2006. Ook toen lag vogelgriep aan de basis.
Natuurpunt benadrukt ten slotte dat de kans zeer klein is dat trekvogels iets te maken hebben met de verspreiding van het virus. “In het eerste Nederlandse geval is dat zelfs uitgesloten, omdat het ging om kippen die binnen werden gehouden", verduidelijkt Walter Roggeman. Volgens de organisatie kent België een zeer uitgebreide monitoring van vogels en worden sinds de grote crisis van 2005 jaarlijks ruim 3.000 vogels getest. “Geen enkele daarvan heeft al positief getest op de gevaarlijke variant van het vogelgriepvirus. Wel worden af en toe laag pathogene, ongevaarlijke varianten vastgesteld. Maar de kans dat een van die 10 besmette vogels per jaar een drekprop laat vallen die wordt opgenomen door een tamme kip of eend, is heel klein.”
Bovendien werd de H5N8-variant voor het eerst aangetroffen in Zuid-Korea en nu in West-Europa, maar niet in Rusland. “Dit pleit opnieuw tegen verspreiding door wilde vogels, want er zijn geen rechtstreekse trekbewegingen tussen Korea en West-Europa bekend.” De organisatie zegt dat het meer waarschijnlijk is dat het virus zich verspreidt via pluimveetransporten. Die redenering wordt niet gevolgd door Boerenbond, in de overtuiging dat wilde vogels aan de basis liggen van de virusverspreiding. "Wie in een vogelrijk gebied woont, weet dat er veel drekproppen vallen. De menselijke activiteit zorgt dan veelal voor een verdere verspreiding. De bioveiligheidsmaatregelen die de sector neemt, zijn dan ook op hun plaats. Op die manier proberen we te voorkomen dat het virus in de stal geraakt."
Bron: Belga