nieuws

Premier De Wever: "Boeren zijn het kloppende hart van de samenleving"

nieuws

De verhouding tussen N-VA en Boerenbond lijkt in twee jaar tijd stevig gekanteld. Dat is toch wat je mag verwachten na de passage van premier Bart De Wever (N-VA) op de Nazomerontmoeting van Boerenbond. Hij greep zijn speech aan om de landbouw nadrukkelijk als strategische sector te verdedigen. Hij pleitte voor minder regelgeving, meer rechtszekerheid, ruimte voor innovatie en open markten, maar waarschuwde tegelijk voor oneerlijke concurrentie en import die niet aan dezelfde normen voldoet. “Als de haven op volle toeren draait, dan is dat in grote mate te danken aan onze landbouw”, aldus De Wever.

Vandaag Griet Lemaire
Lees meer over:
Liesbet Corthout NZO 2026-32

Opvallende toenadering

Twee jaar geleden was het nauwelijks denkbaar dat een N-VA-kopstuk de belangrijkste gast zou zijn tijdens de jaarlijkse Nazomerontmoeting van Boerenbond. In volle stikstofcrisis stonden de belangenorganisatie en de partij lijnrecht tegenover elkaar. Toenmalig omgevingsminister Zuhal Demir (N-VA) liet geen kans onbenut om Boerenbond als oorzaak van de stikstofcrisis aan te wijzen omdat de organisatie de boeren had aangezet tot schaalvergroting om zo meer geld te kunnen verdienen op hun kap. Ook Bart De Wever werd gezien als iemand die enkel voor de industrie reed.

Maar een gesprek naar aanleiding van de Europese competitiviteitstop in Alden-Biesen, afgelopen voorjaar, tussen premier De Wever en Boerenbondvoorzitter Lode Ceyssens zorgde voor een toenadering. Ceyssens nodigde de premier daarop uit voor de Nazomerontmoeting en De Wever ging daarop in. Dat de bijeenkomst op 6 oktober midden in de begrotingsbesprekingen zou vallen, was hij wellicht uit het oog verloren. Toch kwam de premier zijn belofte na. Twee uur lang maakte hij tijd en zag hij enkele innovatieve landbouwbedrijven op het podium de revue passeren. Hij luisterde ook naar het pleidooi van Ceyssens voor meer rechtszekerheid en soepelere regelgeving. “Alleen zo kan de Vlaamse landbouw de ruimte krijgen om te blijven investeren en pionieren”, klonk de boodschap van de Boerenbondvoorzitter.

“Al in de late middeleeuwen waren Vlaamse boeren pioniers”

Een boodschap die ook draagvlak vond bij de premier. In zijn gekende cynische stijl nam hij het publiek mee in een geschiedenisles. De Wever schetste de landbouw als het fundament van de economische ontwikkeling van Vlaanderen. Innovatie was daarbij een constante. Al in de late middeleeuwen was Vlaanderen volgens hem een sterk verstedelijkte en dichtbevolkte regio. Schaarse en arme gronden, gecombineerd met een hoge bevolkingsdruk, dwongen boeren toen al tot innovatie om zo meer te produceren op dezelfde oppervlakte. Hij verwees daarbij naar wisselteelten, nieuwe gewassen als klaver, rapen, aardappelen en voedergewassen en een efficiënter gebruik van mest. “In de 18de eeuw kwamen wetenschappers naar hier om de innovatieve toepassingen van de pionierende Vlaamse boeren te bestuderen”, aldus de premier.

Landbouw was volgens hem toen al een strategische sector die aan de basis lag van maatschappelijke welvaart. “Zonder deze landbouwrevolutie zou een industriële revolutie nooit mogelijk geweest zijn”, beweerde De Wever.

Maar die intensieve landbouw die ons voorspoed heeft gebracht, botste op zijn limieten. Eerst waren er de misoogsten van de jaren 1840 en in de periode 1870-1895 deed de import van goedkoop graan uit andere continenten de graanprijs halveren. “Wie denkt dat globalisering een recent fenomeen is, vergist zich”, zei de premier. De gevolgen voor het Vlaamse platteland waren volgens hem dramatisch, maar de beleidsmakers in Brussel haalden hun schouders op voor de crisis die er zich voltrok.

Het is in deze periode dat Boerenbond ontstond, volgens De Wever als antwoord op de kwetsbare positie van individuele landbouwers in veranderende markten. Via samenwerking, gezamenlijke aankopen, kennis, vorming en professionalisering probeerde Boerenbond daar een antwoord op te formuleren. In de jaren 1930 volgt een nieuwe economische crisis en Boerenbond zag toen dat de landbouw drie zaken nodig had: meer productiviteit, bescherming van de binnenlandse markt tegen dumping en voldoende afzetmarkten. “Die eisen van de jaren ’30 zijn vandaag opnieuw relevant, want we zien ze terugkeren in de discussie over concurrentiekracht, handel en landbouwbeleid”, klinkt het.

“Open economie mag niet ten koste gaan van strategische belangen”

Investeren in productiviteit en innovatie, oneerlijke concurrentie tegengaan en stabiele handelspartners vinden, noemt De Wever dan ook de definitie van strategische autonomie, niet alleen toen maar ook nu. Volgens hem leert de geschiedenis ons dat protectionisme en handelsmuren geen duurzame oplossing zijn, wel dat we op zoek moeten gaan naar handelspartners die onze concurrentiekracht vergroten. Hij toonde zich een grote voorstander van vrijhandelsakkoorden, zoals CETA of Mercosur. De handelscijfers spreken volgens hem voor zich: “Wij voeren 61,4 miljard aan landbouw- en voedingsproducten uit. Dat zorgt voor een handelsoverschot van 9,5 miljard euro. De rest van de economie legt minder goede cijfers voor.”

Onze boeren moeten vandaag voldoen aan de strengste regels van de wereld. Dan kan je de deur niet openzetten zonder dezelfde verwachtingen rond kwaliteit. Dat is waanzin

Bart De Wever (N-VA) - Belgisch premier

Tegelijk waarschuwt De Wever ervoor dat die openheid niet ten koste mag gaan van onze strategische belangen. Daarom geldt er in zijn ogen één absolute voorwaarde bij handel: “Handelsrelaties moeten gebaseerd zijn op het principe van wederkerigheid. Onze boeren moeten vandaag voldoen aan de strengste regels van de wereld. Dan kan je de deur niet openzetten zonder dezelfde verwachtingen rond kwaliteit. Dat is waanzin”, aldus de premier. Hij pleitte ook voor een Europees compensatiefonds om in te grijpen, moest er toch oneerlijke concurrentie ontstaan.

“Niet haalbaar is niet haalbaar”

Hij erkende dat de lijst van zaken die we van onze boeren verwachten, eindeloos is. “Ze komen ook van talloze overheidsniveaus. Ik denk dat al die niveaus, van Europa tot Vlaanderen, daar zeer kritisch naar moeten kijken. Dit is een probleem dat we samen moeten aanpakken”, erkende hij de complexe regelgeving waarmee ondernemers te maken krijgen. Hij vindt dat overheden haalbaarheid en helderheid in de regelgeving moeten voorop zetten en niet aan gold plating moeten doen bij de omzetting van Europese regels.

Boeren zijn het kloppende hart van de samenleving. Dat zijn ze in de hele geschiedenis geweest. Ze hebben ons grondstoffen gegeven waarop onze welvaart is gebaseerd

Bart De Wever (N-VA) - Belgisch premier

Hij is van mening dat ondernemers en dus ook landbouwers mogen rekenen op duidelijkheid en rechtszekerheid van de overheid. De Wever erkent dat dit niet altijd evident en aangenaam is. “Wij zijn voor uitdagingen gesteld waarin wij onze verantwoordelijkheid hebben moeten nemen en we heel moeilijke zaken moesten oplossen, zoals stikstof. Het klopt dat dit dossier terug op de regeringstafel kan komen (als het Grondwettelijk Hof zich uitspreekt, red.). Dan moeten we leren uit het verleden en ervoor zorgen dat landbouw en industrie niet opnieuw tegen elkaar worden uitgespeeld, maar schouder aan schouder staan. Daarom moeten we met een duidelijke stem aan Europa kunnen zeggen ‘niet haalbaar is niet haalbaar’ en dan moet het ook effectief veranderen”, benadrukte hij.

“Lessen uit het verleden niet vergeten”

Tot slot benadrukte hij dat we de lessen van het verleden niet mogen vergeten: markten, geen muren. “Als de haven op volle toeren draait en als Vlaanderen één van de sterkste exportregio’s van Europa is, als dit land het voortouw neemt op vlak van innovatie en kennis, dan hebben we dat in grote mate te danken aan onze landbouw en voedingsindustrie. Daar moeten we dankbaar voor zijn. Landbouw is meer dan een strategische sector. Boeren zijn het kloppende hart van de samenleving. Dat zijn ze in de hele geschiedenis geweest. Ze hebben ons grondstoffen gegeven waarop onze welvaart is gebaseerd. Ze zijn het levende fundament van onze eigen weerbaarheid”, concludeerde De Wever. Om zijn speech op geheel eigen wijze af te sluiten met een Latijnse spreuk: “Labor improbus omnia vincit” of “Onverdroten arbeid overwint alles”.

Terwijl Vlaamse handel krimpt, blijft handel in landbouwproducten groeien
Uitgelicht
Waar de totale Vlaamse handel in 2025 achteruit boerde, geldt dat niet voor de handel in agrarische producten. De uitvoer steeg met 5,2 procent tot 61,4 miljard euro en de inv...
22 juni 2026 Lees meer

Beeld: Boerenbond

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek