Boeren showen millimeterwerk op kampioenschap ploegen
nieuws27 deelnemers streden om de titel van beste ploeger van het land. Het zijn boeren, loonwerkers en mecaniciens, die beroepshalve al hele dagen in en rond tractoren doorbrengen. Ze zijn zo gepassioneerd door de kunst van het ploegen, dat ze er ook hun vrije zondagen aan opofferen om hun techniek te verfijnen. "Goed ploegen is moeilijk. Sommigen leren het nooit", zegt Daniël Herteleer. Hij is een van de vijftien juryleden en heeft recht van spreken. In 1989 werd hij wereldkampioen ploegen, de enige Vlaming die daar ooit in geslaagd is.
Op de domme vraag of het niet gewoon een kwestie is van mooi recht op en neer te rijden, zoals bij grasmaaien, zucht hij diep. En begint een voor de leek amper te volgen uitleg over geren, voren, snedes, de aanstorting, het in- en uitzetten. "We geven maximum 240 punten, verspreid over een tiental onderdelen. Zo moet de openingsvoor kaarsrecht zijn, met een zuivere afsnijding en tot op twee centimeter de juiste diepte. Alle voren moeten strak, recht en zuiver zijn, allemaal even hoog en even breed, en voldoende gekeerd en toch geaccuenteerd. Groen en stopsel moeten helemaal zijn ondergewerkt".
Hoe je dat dan doet? Dat blijkt opnieuw niet simpel. "Je moet natuurlijk handig zijn achter het stuur van een tractor. De kwaliteit van de tractor en de ploeg speelt mee. Maar het voornaamste is de juiste afstelling van de ploeg". Die bestaat uit verschillende onderdelen: de grote scharen voor het eigenlijke ploegwerk, de kleine scharen die het onkruid klaarleggen om bedekt te worden, één of meer schijven voor rechte afsnijdingen aan de randen en, optioneel, kleine bandjes voor extra ondersteuning en hydraulische cilinders die heel precieze afstellingen mogelijk maken. "Die cilinders kunnen bij de duurste systemen digitaal worden afgesteld vanuit de cabine", zegt Herteleer.
"Tja, ik doe dit gewoon graag", zegt Niels Mariën, een 21-jarige landbouwer uit Meerhout. Hij heeft van zijn ouders een ploeg cadeau gekregen. "Die kost een stukske meer dan 5.000 euro. Ik gebruik ze alleen voor wedstrijden. Ik doe er een stuk of drie per jaar. Voor de rest is het oefenen. Hele zondagmiddagen, van het voor- tot het najaar. Wat mijn vriendin daarvan zegt? (schouderophalend) Ze weet dat ze er niks van moet zeggen".
Het kampioenschap werd overigens gewonnen door Roel Cuyvers uit Neerpelt met 195,25 punten op 240. Niels Mariën eindigde verdienstelijk derde met 177,75 punten. In de categorie rondgaand ploegen - met ploegen die niet kunnen gewenteld worden bij elk keerpunt en waarbij in cirkels wordt gereden - liet Tom Cuyvers, een neef van Roel, zijn zes concurrenten achter zich.(KS)
Bron: Gazet van Antwerpen</i>