16 pct van zelfstandigen leeft onder armoedegrens
nieuwsUit onderzoek van het Neutraal Syndicaat voor Zelfstandigen (NSZ) blijkt dat 16 procent van alle zelfstandigen in hoofdberoep onder de armoededrempel leeft. Zij verdienen 833 euro per maand, terwijl de armoededrempel op 973 euro ligt. De laagste gemiddelde jaarinkomens zijn terug te vinden in de landbouw (10.573 euro). NSZ pleit voor extra maatregelen om armoede bij zelfstandigen tegen te gaan.
Jaarlijks analyseert NSZ de cijfers van het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen van de Zelfstandigen. Daaruit blijkt dat de inkomsten van zelfstandigen in 2012 nog verder dalen. In 2012 bedroegen die 20.492 euro per jaar, 4,5 procent minder dan het jaar voordien. Het gaat hier om bruto beroepsinkomsten, verminderd met de beroepsuitgaven en de beroepslasten. Dat is te vergelijken met het nettoloon van werknemers.
Het gemiddelde nettoloon van werknemers bedroeg vorig jaar gemiddeld 24.773 euro, zowat een vijfde hoger dan de inkomsten van zelfstandigen. De laagste gemiddelde jaarinkomens bij zelfstandigen zijn terug te vinden in de landbouwsector (10.573 euro), diensten allerhande (12.351 euro) en handel (18.344 euro). De vrije beroepers hebben hogere jaarinkomsten (30.313 euro).
“Wie denkt dat alle ondernemers rijk zijn, slaat de bal dus grondig mis”, luidt het bij NSZ. “Een beperkte groep zelfstandigen is erg welstellend, maar een grote groep leeft onder de armoedegrens.” Voor het zelfstandigensyndicaat is het cruciaal dat zelfstandigen in de eerste plaats niet in de armoede kunnen verzeilen. “Daarvoor moeten er dringend een aantal maatregelen genomen worden.”
NSZ pleit ervoor om de faillissementsregeling voor zelfstandigen nog verder uit te breiden voor zelfstandigen in moeilijkheden, zoals zelfstandigen die een gerechtelijke reorganisatie hebben aangevraagd, ondernemers die hun schulden niet meer kunnen afbetalen of zelfstandigen die een faillissement riskeren. “Dat was een maatregel van de vorige federale regering die tussen juli 2009 en januari 2011 in voege was als maatregel tegen de crisis. Het aantal aanvragen verdubbelde toen bijna (+91%). Wij vragen nu dat die uitbreiding een permanent karakter krijgt”, aldus NSZ.
De ondernemersorganisatie wil ook een stopzettingsvergoeding ingevoerd zien. Wanneer een ondernemer merkt dat zijn activiteit niet levensvatbaar meer is en hij zijn zaak stopzet, kan die dan onder bepaalde voorwaarden een uitkering krijgen. “Nu is dat niet het geval, met als gevolg dat de schuldenput van een aantal zelfstandigen maand na maand groter wordt omdat er geen alternatief is, en dat leidt tot schrijnende armoede.”
Om te voorkomen dat zulke stopzettingsvergoedingen vaak uitgekeerd moet worden, wil NSZ dat startende ondernemers beter voorbereid en ondersteund worden, onder meer via het onderwijs. Tot slot wijst NSZ op een onlangs goedgekeurde maatregel die zelfstandigen in financiële moeilijkheden kan helpen: de aangepaste berekeningswijze van de sociale bijdragen.
“Zelfstandigen die zich in een moeilijke financiële situatie bevinden, zullen vanaf ten laatste 2015 onder bepaalde voorwaarden minder sociale bijdragen kunnen betalen. Zij zullen dan de mogelijkheid hebben om de betaling van hun sociale bijdragen aan te passen aan de evolutie van hun inkomsten, maar ze zullen die vermindering van inkomsten wel moeten kunnen bewijzen aan een sociaal verzekeringsfonds. Het gaat dus niet om een automatisch proces.”
Wie die bewijsstukken van dalende inkomsten door bijvoorbeeld verlies van een belangrijke klant, ziekte, zwangerschap, overgang naar een nevenactiviteit, enz. niet kan voorleggen, zal nog steeds sociale bijdragen moeten betalen op basis van inkomsten van drie jaar geleden. Dat systeem wil NSZ op termijn aangepast zien, zodanig dat de sociale bijdragen steeds en zonder voorwaarden berekend worden op basis van de inkomsten van het jaar zelf.
Onlangs kondigde ook Vlaams minister-president Kris Peeters een preventieve maatregel aan om faillissementen bij kmo’s te voorkomen. De Vlaamse regering maakt daarvoor 2,3 miljoen euro vrij. Er zal een brede scanning van bedrijven gebeuren, zodat ze op tijd kunnen worden begeleid en een doorstart kunnen maken. Het gaat om projecten van Boerenbond, zelfstandigenorganisaties UNIZO en NSZ, de Federatie van Belgisch Vlees (FEBEV), de Vereniging van Vlaamse Boekhandels en de Vlaamse Confederatie Bouw.
“In totaal zullen zo’n 1.825 bedrijven worden gescand. Naar schatting 251 bedrijven zullen worden geholpen om een doorstartplan te maken”, zegt Peeters. De subsidies voor de opmaak van een doorstartplan worden verhoogd tot 75 procent. Daarnaast trekt Peeters 2,7 miljoen euro uit om te kunnen inspelen op nieuwe noden, zowel voor sectoren in moeilijkheden als voor regio's die getroffen worden door grootschalige bedrijfssluitingen. Er kunnen daarvoor nog projectvoorstellen worden ingediend.
Bron: Eigen verslaggeving/De Tijd