Termijnmarkten
duidingNa uitvoerig onderzoek zijn onze landbouweconomen het erover eens: we mogen ervan uitgaan dat de stijging van de graanprijs structureel is. Tegelijk verwacht men om verschillende redenen dat de prijs wel minder standvastig wordt. Ten eerste zijn de stockvoorraden afgebouwd (tot minder dan twee maanden gerekend aan de huidige wereldconsumptie). Ten tweede verdwijnt het flankerend landbouwbeleid zoals Europa dat in het verleden heeft gevoerd. Samen met andere factoren zoals de globalisering, zorgt dat ervoor dat de impact van internationale termijnmarkten – en alle schommelingen die dat voor het landbouwinkomen met zich meebrengt – verder zal toenemen.
Principe en grote spelers
Maar hoe werkt een termijnmarkt nu precies? Terwijl op de fysieke markt klassieke leveringscontracten worden afgesloten, zijn termijnmarkten plaatsen waar handelaars contracten afsluiten om een product op een vaste datum tegen een vooraf bepaalde prijs af te nemen. Is de dagprijs op de afrekendatum lager dan de eerder afgesproken aankoopprijs (bv. 180 euro voor een ton graan in plaats van de afgesproken 200 euro), dan boek je verlies en vice versa. Het voordeel van dit systeem is dat zowel afnemers als leveranciers zich op die manier kunnen indekken tegen al te grote prijsschommelingen.
| Lees ook: |
| "Waarom je als boer niet indekken?" |
Van Chicago naar Vlaanderen
Vlaanderen heeft geen traditie op het vlak van agrarische termijnmarkten. Nederland heeft lang termijnmarkten voor slachtvarkens, mestbiggen en later aardappelen gehad, maar om meer marktdeelnemers te hebben, zijn die intussen gefusioneerd met de termijnmarkt van Hannover. Voor de evolutie van de graanprijs is de belangrijkste termijnmarkt echter de Chicago Board of Trade. Daar komt sinds jaar en dag vraag en aanbod van de wereldwijde grondstofstromen samen. Daar is het dat het afgelopen jaar de vraag naar tarwe zo groot werd dat de prijs uiteindelijk verdubbelde.
| Lees ook: |
| De Vlaming en termijnmarkten |
Beleggers profiteren mee
De fors gestegen graanprijs is in de financiële wereld zeker niet onopgemerkt gebleven. Fondsbeheerders, verzekeraars en andere grote beleggers proberen gretig een graantje mee te pikken van de landbouwhausse. Speculatie op de termijnmarkt van landbouwproducten is een manier geworden om het rendement van beleggingsfondsen op te krikken. Zo is er vorig jaar op de Franse termijnmarkt voor landbouwproducten vier keer de volledige Franse graanproductie verhandeld. En ook tijdens de internationale beurscrisis van eind januari bleek de impact van speculatie. Toen deelde de agrarische termijnmarkt mee in de klappen, omdat investeerders hun eerder behaalde winst terugtrokken uit de graanmarkt als compensatie voor hun verliezen in aandelen.
| Lees ook: |
| Hoe duurzaam is speculeren op landbouwpr... |
Ook voor Jan met de pet
Daarnaast blijken ook klassieke aandelen uit de agrovoedingssector erg populair. De bekende vermogensbeheerder Petercam bracht in januari een nieuw beleggingsfonds op de markt dat specifiek op de prijsstijgingen van de landbouwproducten is afgestemd. Het fonds speelt niet in op de termijnmarkt maar bundelt een 50-tal aandelen van landbouwgerelateerde bedrijven, zoals producenten van landbouwmachines en meststoffen. Volgens Petercam is de huidige situatie van de landbouw vergelijkbaar met die van de energiesector in 2004, wat meteen ook de reden is waarom het bedrijf wil inspelen op de langdurige groei die het voor de agrarische sector voorspelt.
Hoewel de meeste sectoren graag door beleggers worden ontdekt, leeft in landbouwmiddens de vrees dat de agrarische termijnmarkt door die speculatie kwetsbaar wordt. Dat als de speculanten een ander speeltje vinden, zij de graanprijs kunnen kelderen. Nu klopt het inderdaad dat fondsen alsmaar meer graanvolumes opkopen in de veronderstelling dat de prijs hoe dan ook zal stijgen. En hoe schaarser het aanbod, hoe sterker de positie van die fondsen. Maar anderzijds bepaalt het beurssysteem dat men altijd voldoende leveringspunten moet voorzien, zodat het te allen tijde mogelijk is om tarwe effectief te leveren tegen termijncontracten. Speculatie kan dus wel mee de prijs opdrijven, maar kan nooit tot tekorten leiden. Bovendien zijn er nog veel andere factoren die waarschijnlijk een veel grotere impact op de evolutie van de voedselprijs uitoefenen.
Spannende thriller
Zo spreekt het vanzelf dat de groei van de wereldbevolking directe gevolgen heeft op de vraag naar landbouwproducten. De enorme verstedelijking in China en andere landen veroorzaakt een dubbel effect. Stadbewoners eten meer vlees en zuivel, en tegelijk slokt die verstedelijking landbouwgrond op en leidt ze tot verwoestijning. Verder is er natuurlijk ook de opkomst van biobrandstoffen. Maar er zijn evengoed factoren die het aanbod kunnen opdrijven. Hoeveel landbouwers zullen overschakelen op graan? Krijgen we een goede of een slechte graanoogst? En voor de Europese markt: hoelang kan de EU de invoer van genetisch gemodificeerde maïs blijven weigeren? Of kiest Europa voor een importverbod van vlees dat met ggo-graan geproduceerd is? Er lijken weinig zekerheden, behalve dat de evolutie van de graanprijs een spannende thriller belooft te blijven.